504
2

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Kleine Hollandse tragiek

Zelfs als het kalf verdronken is, discussiƫren wij nog over het dempen van de put ... net zo lang totdat het volgende kalf verdrinkt

Laten we als voorbeeld eens een school in Leiden nemen. De meeste ouders brengen hun kinderen lopend of met de fiets naar school, en sommigen met de auto. De meesten daarvan zoeken een parkeerplek, maar anderen parkeren dubbel of stoppen midden op de weg om hun kinderen af te zetten. Ergerlijk en asociaal. Maar begrijpelijk, want de dag is kort, de baas is streng en er is veel werk.

Dat gaat goed totdat er eens een meisje, laten we haar Ilse noemen, zoals iedere ochtend op de fiets naar school komt, maar voor school wordt aangereden door een taxi, terwijl ze om een auto moet laveren waarmee een jongetje afgezet wordt. Schuld van de taxichauffeur natuurlijk, zegt de vader van het jongetje, en suf van het meisje dat ze niet uitkeek (ze was altijd al wat warrig). De andere ouders die hun kinderen al op dezelfde onveilige manier afzetten zullen hierin het onomstotelijke bewijs vinden dat zij het beter doen en hun oogappeltjes wél veilig afzetten.

Nadat de bloemen verwelkt zijn, het papier van de tekeningen vergeeld, het ziekenhuisbezoek geweest, de stille tocht vergeten begint het weer van voren af aan. Terwijl het zo simpel is. Les 1: breng het leven van je eigen en andere kinderen niet in gevaar. Doe het gewoon niet.

Toch gebeurt het. Tenzij… tenzij natuurlijk de ouders worden aangesproken op dit gevaarlijke en onwenselijke gedrag. Maar wie moet dit doen? De ouders zelf? De politie? Het hoofd der school? De politie zal er vast al een keer een maand gepatrouilleerd hebben, en toen nam het gevaarlijke gedrag inderdaad af. De boetes zijn hoog, maar de ouders die hun kinderen met de auto naar school brengen vloeken binnensmonds: “Heeft de politie nu niets beters te doen? Boeven vangen bijvoorbeeld?”.

Ouders die andere ouders erop aanspreken krijgen een grote mond en dat kan ertoe leiden dat hun kinderen niet uitgenodigd worden voor de feestjes van de autokinderen. De andere ouders zeggen dan “hij heeft op zich wel een punt, maar hij zegt het zo bot”. En: “alsof hij het zelf zo goed doet. Ik zag hem laatst met een noodgang in die ouwe puinbak van hem nog de bocht om scheuren”. Het hoofd der school ziet het volgende conflict alweer aankomen. Vorig jaar is er al een brief de deur uitgegaan waarin de ouders gewezen werd op de gevaarlijke situaties die mogelijk kunnen ontstaan bij dubbel parkeren. Misschien moet er onderzoek gedaan worden. Of kan het probleem besproken worden op een ouderavond. Als punt 5 op de agenda; na de “evaluatie TOPS-systeem” en voor de “aanschaf nieuwe bibliotheekboeken”.

En dan het bevoegd gezag: de oudercommissie ziet deze discussie als een onwenselijke onderbreking van het voorbereiden van feesten waar tachtigerjarenmuziek gedraaid wordt. De Medezeggenschapsraad erkent het probleem, maar tsja, tsja, er zijn ook andere problemen en tsja, tsja, toegegeven: er is een parkeerprobleem in de wijk en tsja, tsja, meestal gaat het goed. En één van de ouders waarvan bekend is dat hij zijn zoon zo afzet is niet alleen sponsor van het hockeyteam maar er is ook van bekend dat hij losse handjes heeft. Tsja, tsja. Ieder verhaal heeft natuurlijk twee kanten. Of drie. Dus tjsa, tsja. Complex. Moeilijk. Ingewikkeld. Bovendien moet je een verschil maken tussen dubbelparkeren enerzijds, en afzetten en doorrijden anderzijds. Maar waar ligt de grens? Het is maar goed dat er competente mensen als wij in de Medezeggenschapsraad zitten, want het is een complex probleem.

Zo is Nederland. Ondertussen gebeurt er niets. Totdat er een ongeluk gebeurt. Maar meestal gebeurt er geen ongeluk en gebeurt er niets en heeft iedereen die niets heeft gedaan, gelijk. En Ilse fietst iedere ochtend naar school en ergens in Leiden wordt een taxi besteld.

Dit artikel staat ook op de website van Robbert Baruch.

Geef een reactie

Laatste reacties (2)