3.285
28

Europarlementariër Verenigd Links

Kartika Liotard (1971) is Europarlementslid sinds 2004. Tot juni 2010 was zij dat voor de Socialistische Partij. Na een intern conflict besloot ze toen verder te gaan als onafhankelijk parlementariër. Liotard is lid en ondervoorzitter van de GUE/NGL, de 35 leden tellende fractie van Europees Verenigd Links. Liotard is vicevoorzitter van de parlementaire intergroepen over Ouderen en Dierenwelzijn. Verder is zij lid van de commissie Milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid en plaatsvervanger in de commissies Ontwikkelingssamenwerking en Rechten van de vrouw en gender-gelijkheid. Voor het Europees Parlement verzorgt zij het officiële contact met de EU-voedselveiligheidsorganisatie EFSA. Liotard was tot haar verkiezing teammanager juridische zaken bij Laser (ministerie van LNV). Daarvoor werkte zij voor de wetswinkel in Nuth. Tussen ’96 en ’98 was ze bestuurslid van de SP-Westelijke Mijnstreek en daar verantwoordelijk voor de SP-Hulpdienst. In 2009 verscheen 'Poisoned Spring', een boek van haar en Steve McGiffen over privatiseringen in de watersector.

Kloonvlees ongemerkt op ons bord

Willen we écht een biefstuk op ons bord die tot stand komt met dit soort Frankensteinpraktijken?

At u afgelopen kerst een stuk vlees dat afstamt van een gekloond dier? Het zou zo maar kunnen. En de kans dat we kloonvlees of kloonmelk nuttigen wordt de komende jaren alleen maar groter.

‘Brussel wil verbod op vlees en melk van gekloonde dieren’, zo kopten vlak voor de jaarwisseling de nodige media. Op het eerste gezicht goed nieuws, want meer dan 90% van de kloondieren komt mismaakt, ziek of dood ter wereld, kan niet ademen of op zijn benen staan. Ook de draagmoederdieren van klonen hebben het zwaar: ze krijgen vaker miskramen en baren abnormaal grote foetussen. Willen we écht een biefstuk op ons bord die tot stand komt met dit soort Frankensteinpraktijken?

Ruim driekwart van de burgers in Europa zegt van niet, zo blijkt uit onderzoek. Naast de problemen met dierenwelzijn en de negatieve publieke opinie, zijn er meer vragen te stellen. Want hoe gezond zijn de jongen van de gehavende kloondieren eigenlijk? En hoe gezond is vlees en melk afkomstig van deze nakomelingen? De Europese Voedselautoriteit vond tot nu toe geen problemen, maar durft de veiligheid van kloonproducten ook niet voor 100 procent te garanderen. Er is simpelweg te weinig onderzoek naar gedaan.

Al in 2010 werd er vlees en melk van gekloonde dieren in België en Engeland aangetroffen. Een aantal lidstaten, waaronder Nederland, blokkeerde destijds mijn voorstel om kloonproducten in Europa aan banden te leggen. Kloonvoedsel heeft sindsdien vrije toegang tot Europa.


Schijnwetgeving

Vlak voor de kerst presenteerde de Europese Commissie plots een eigen voorstel omtrent kloonvlees. Zelf spreekt het Brusselse bestuursorgaan van een ‘verbod’. Maar wie het voorstel goed bekijkt, ontdekt een stuk schijnwetgeving: het ‘verbod’ geldt alleen voor melk en vlees dat rechtstreeks wordt gewonnen van gekloonde dieren.

Nu heb ik nieuws voor de Europese Commissie (maar eigenlijk weet ze het al): kloonvlees en kloonmelk komen niet rechtstreeks van – kostbare – kloondieren, maar van hun jongen. En voor deze nakomelingen geldt het schijnverbod niet. Het schijnverbod behelst verder een ‘tijdelijke opschorting’ van het voedselgericht klonen van dieren in Europa, maar dat is gemakkelijk: in Europa worden namelijk nog geen dieren gekloond om voedsel te produceren.

De Verenigde Staten en Argentinië klonen er wél al op los. Zij zijn erop gebrand om het zaad van productieve kloondieren aan Europese boeren te verkopen. En ook van geïmporteerd Amerikaans vlees is niet langer uit te sluiten dat het afstamt van een kloondier: er wordt geen onderscheid gemaakt met normaal vlees en dus geen waarschuwingsetiket op geplakt.

Tegen deze geïmporteerde producten, waaraan de kloontechniek aan de basis staat, wordt niet opgetreden. Zowel de Europese Commissie als sommige lidstaten (lees: Nederland) zijn bang voor negatieve handelsconsequenties als ze de Frankensteinproducten van buiten Europa een halt toe roepen. Het is daarom des te schever om te pronken met een ‘kloonverbod’, terwijl de échte kloonproducten de komende jaren meer en meer op ons bord zullen belanden.

Geef een reactie

Laatste reacties (28)