3.682
24

Journalist en filmmaker

Clarice Gargard (1988) houdt zich van jongs af aan bezig met media en maatschappij. Van jongerenradio en -debatten tot aan online publicaties en workshops betreffende thema's als kunst en cultuur, politiek en diversiteit. Zij is werkzaam geweest bij verschillende omroepen waaronder AT5 en NTR waar zij maker, verslaggever en presentator van diverse programma's is geweest. Momenteel werkt zij fulltime als redacteur bij de VARA. Daarnaast is Clarice freelance interviewer, host en dagvoorzitter. Ook organiseert ze Cinnamon Amsterdam, een multidisciplinaire kunstinitiatief in de Balie en Bitterzoet.

Mag ik een ander hokje? Deze past niet

Over beklemmende gendernormen die ons ervan weerhouden superhelden te zijn

Spiderman, Superman, The Incredible Hulk. Superhelden zijn vaak vliegende en zwevende mannen met bovennatuurlijke krachten die dagelijks de wereld van de hel en verdoemenis redden. Ik was als kind – en eigenlijk nog steeds – superheldengek. Zo erg dat ik een brief aan Peter Jan Rens schreef van één van mijn lievelingsprogramma’s ‘Geef nooit op’, waar kinderwensen in vervulling gingen. Of hij mij ‘alsjeblieft om wilde toveren tot Superman’. Het kwam nooit in mij op dat ik hem niet kon zijn omdat ik een meisje ben en in plaats daarvan beter met barbies zou moeten spelen.

Mijn eigen voorkeuren hebben mij altijd doen afvragen waarom we de wereld indelen in een binair stelsel van wat ‘mannelijk’ en ‘vrouwelijk’ is en hoort te zijn in plaats van hoe wij ons als mens daadwerkelijk voelen.

Het wordt ons geleerd dat je biologische sekse je (gender)identiteit is. Als je met XY-chromosomen geboren wordt, ben je een man en hoor je je als zodanig te gedragen; als een dominante, uitgesproken, door testeronaangejaagde alpha male. En XX- chromosomen zijn de predispositie van een zorgdragende, zo nu en dan irrationele maar goddelijke ‘moeder de vrouw’. Een gemiddeld persoon zou zich eigenlijk in beiden in verschillende gradaties moeten en kunnen herkennen. 

Sociale constructie
Tegenwoordig ondersteunen steeds meer onderzoeken en bevindingen dat het binair stelsel van man/vrouw een groot deel van de samenleving berooft van de identiteit en vrijheid te zijn wie zij zijn. In 1993 publiceerde wetenschapper Anne Fausto-Sterling (die gespecialiseerd is in sociale constructies en het gegeven dat het onderscheid tussen man en vrouw niet zo makkelijk in tweeën te verdelen is maar meer een fluïde continuüm is) haar paper The Five Sexes revisited. Zij stelt daarin dat gender een sociale constructie is en we los zouden moeten breken van een eeuwenoud beeld van wat het betekent om man of vrouw te zijn: “Sekse en gender kunnen het best geconceptualiseerd worden als punten in een multidimensionale ruimte. Terwijl het voor het rechterlijk systeem beter is om enkel twee seksen te hebben, is dat voor onze collectieve biologie niet het geval.”

Ik werd helaas niet uitgekozen voor Geef Nooit Op. Toch bleef ik onbewust – tot ontsteltenis en verwarring van mijn moeder – tegen gendernormen ageren door mezelf in oversized mannenkleding te steken en voornamelijk sneakers te dragen. Het was voor mij onbevattelijk waarom verwacht werd dat ik op bruiloften op torenhoge hakken als de toren van Pisa aan de bar moest hangen en mijn broer zijn platte schoenen voor het kiezen had. 

Chromosomen
Dat verschil zou zogenaamd al in ons dna schuilgaan, wat een legitiem argument zou zijn als ons dna niet een uiterst complexe samenstelling van codes was en de bevatting ervan zich mettertijd ontwikkelt. In de jaren veertig werd het Klinefiltersyndroom ontdekt waarbij mannen XXY-chromosomen hebben. Ook zijn er varianten van XXX, XYY, XXXX en XXYY. En zo zullen er – in de toekomst – waarschijnlijk nog meer letters van het alfabet als geheime schatten in ons verborgen liggen. Ons blijven vasthouden aan XX en XY is als met een verrekijker de ruimte in blijven turen terwijl we een ruimtetelescoop tot onze beschikking hebben.

Gender wordt ook door cultuur beïnvloed. Een voorbeeld daarvan is de Dominicaanse Republiek. Daar heb je een groep kinderen, Guevedoces genaamd (wat ‘penis op de twaalfde’ schijnt te betekenen) die XY-chromosomen dragen maar geen mannelijk geslachtsorgaan hebben en die pas op latere leeftijd ontwikkelen. Tegen die tijd maken zij allerlei, geestelijke, sociale en culturele ontwikkelingen door die voor hen dicteren of zij man of vrouw zijn. Het wordt hen dan niet gedwongen om als man door het leven te gaan maar de keuze voorgelegd om jongen te blijven of een geslachtsverandering te ondergaan.

Genderidentiteit
Genderidentiteit is een abstract begrip. Het is vergelijkbaar met een surprise waarvan de buitenkant helemaal niets zegt over de inhoud maar als je die als leidraad neemt de mogelijkheden beperkt voor wat het echte cadeau kan zijn. Het categoriseren van menselijke kwaliteiten en karakters als ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ wordt problematisch wanneer een individu eigenschappen bezit die niet tot zijn of haar sekse behoren en daardoor aan zichzelf gaat twijfelen, onzeker wordt of gediscrimineerd. Zoals bij alle voorschriften die determineren wat we als mens zouden moeten zijn, worden we pas echt bevrijd en gelijkwaardig wanneer we daar zelf een keuze in hebben, zonder dat het ons benadeelt. 

Het blijft op sociaalmaatschappelijk niveau moeilijk om een afwijking – van wat we denken dat de norm is – te accepteren. Zo hoor ik bijvoorbeeld verhalen van bekenden – voornamelijk lesbische vrouwen –  met een ‘androgyne uiterlijk’, die in het openbaar aangestaard en verwenst worden en soms zelfs geslagen door mannen. Een mannelijke collega van mij gaf in een gesprek eerlijk toe dat hij zich niet weet te verhouden tot lesbiennes, vooral degenen met een ‘stoer’ voorkomen, omdat hij zich als man geen houding weet te geven bij een vrouw die zijn aanwezigheid als ‘de man’ irrelevant maakt. Zonder dergelijke labels en gendernormen zouden we wellicht opnieuw kunnen ontdekken hoe ons als mens tot elkaar te verhouden.

Superhelden
Journalist Sonja Alferink geeft in een uitgebreid artikel over gender in de Volkskrant duiding aan bovenstaande: “We hebben ‘hokjes’ nodig, categorieën om de wereld overzichtelijk te maken. Door prikkels te filteren, maken we dingen herkenbaar: deze verzameling prikkels (borsten, lang haar, make-up) noemen we vrouw. Dat werkt, omdat het meestal klopt. Maar als we de verzameling prikkels (baard, snor, make-up) níet kunnen categoriseren, raken we in de war. Wie of wat hebben we voor ons? Kunnen we het wel vertrouwen? Het ontbreekt ons aan repertoire: hoe gedragen we ons tegenover iets wat we niet kennen? Onze eigen identiteit komt ook in het geding, want wie ben ik zelf als ik de ander niet kan duiden?” 

Ik pleit niet voor het helemaal afschaffen van hokjes maar voor een verbreding ervan en acceptatie van dingen waarvan we denken dat die buiten ons bevattingsvermogen vallen. We laten onze levens dicteren – niet door hoe wij ons voelen en de samenleving daarop aan te passen – maar door ons te wringen in ongemakkelijke posities uit angst voor het onbekende met als resultaat mogelijke superhelden in ons midden te kortwieken, zonder te beseffen dat we die zomaar zelf zouden kunnen zijn. Superman geeft eigenlijk zelf het antwoord. Enerzijds een nerdy journalist en anderzijds de stoerste man in het universum. Als hij zich niet in een hokje laat plaatsen, waarom zouden wij dat dan wel doen? 

cc foto: JD Hancock 

Geef een reactie

Laatste reacties (24)