2.246
17

Lobbyist en Politiek Filosoof

Robbert Baruch is Manager Public Affairs bij Buma/Stemra. Hij is op 12 oktober 1967 in Amsterdam geboren. Hij studeerde Politicologie (Politieke Filosofie) en Bestuurskunde in Leiden en Theologie in Amsterdam en Jeruzalem. Zijn studie politicologie rondde hij af met een scriptie over Vondel's Palamedes en de 17e-eeuwse Nederlandse politieke filosofie. Na zijn studie werkte hij achtereenvolgens als communicatiestrateeg bij een internationaal reclamebureau, communicatiemanager bij de ING Groep, bestuursadviseur, wethouder van de Rotterdamse deelgemeente Feijenoord en lobbyist voor het Verbond van Verzekeraars in Den Haag.

Media publiceren onzin over Van Aartsen en de sharia-driehoek

Juist van journalisten en politici mogen we wel wat meer kritisch denkvermogen en feitenonderzoek verwachten. 

Jozias van Aartsen moet weg want hij heeft gefaald als burgemeester. Toen in de shariadriehoek (een no-go area in de Haagse Schilderswijk) met hakenkruisvlaggen werd gezwaaid en door de Haagse moslims Joden met de dood bedreigd werden, greep hij immers niet in.

Veel mensen die bovenstaande zin lezen, zullen er niets vreemds aan opmerken. Immers; de afgelopen maanden is, kort gezegd, het bovenstaande beeld van de gebeurtenissen in Den Haag van de afgelopen zomer tot stand gekomen. Daar is niets mis mee, behalve dat het grote onzin is.

Demonstraties
Eerder deze zomer waren op een pro-Gaza demonstratie borden getoond waarop een vergelijking werd gemaakt tussen Israël en de nazi’s door een bord met aan de linkerkant een Davidster, aan de rechterkant een hakenkruis en in het midden een “=”-teken. Dom en onjuist, maar niet heel anders dan de manier waarop sommige Israelische politici elkaar benaderen. Er spreekt ook geen identificatie met, zoals ze bij Jiskefet genoemd werden, ‘de toenmalige regering van Duitsland’ uit.

Iedereen kan gewoon in de Schilderswijk komen. Je kan er rustig boodschappen doen op de Haagse Markt, daarna eten in het beste kebabrestaurant van Nederland, om vervolgens uit te buiken en te chillen in de hamam. Allemaal geen enkel probleem.

Een klein aantal dwaallichten heeft onsuccesvol in Den Haag gedemonstreerd, waarbij inderdaad Joden bedreigd werden. Ik ben van mening dat de politie daar wat aan had moeten doen, net zoals de politie iets moet doen aan voetbalsupporters die roepen dat ze op Jodenjacht gaan. Voor beide groepen geldt dat de uitingen strafbaar zijn, en voor beide groepen is niet uit te sluiten dat ze overgaan tot het gebruik van geweld. De pro-Isis demonstraties trokken geen groot publiek, en toen ze nog nauwelijks door de pers opgemerkt waren, waren het vooral de buurtbewoners zelf die zich er tegen uitspraken.

Wie vooral gefaald hebben, zijn de conventionele politieke partijen die pas na lang dralen met afgewogen standpunten kwamen waarin de vrijheid van meningsuiting voorzichtig in balans gebracht werd met het voorkomen van strafbare uitlatingen.  Juist van lokale volksvertegenwoordigers mag je verwachten dat ze zich in het openbaar uitspreken als stadsbewoners, hoe klein de groep ook is, een andere groep Hagenaars met de dood bedreigd.

Ingrijpen
Had de burgemeester moeten ingrijpen? Ja en nee. Een stad is nooit zonder laatst verantwoordelijke; in dit geval was het één van de loco-burgemeesters die de leiding had moeten nemen in het omgaan van deze demonstratie. Daarvoor hoefde Van Aartsen niet terug te komen. Dat er niet meer politie op de been was, was niet verstandig en, denk ik, een inschattingsfout, en dat de mannen die daar Joden bedreigden daar niet meteen op werden aangesproken (althans, niet door de politie) een beetje dom. Overigens zijn ze later allemaal gearresteerd, dus ook dat is goed gekomen.

Maar aangezien alles met demonstrerende moslims nieuws is, nam de geschiedschrijving een enorme vlucht. De bekende websites en de Telegraaf voorop beschreven het nieuws zoals ze dat wel vaker doen. Een vreemde uitzondering is Trouw, doorgaans een gematigde krant, die als eerste schreef over de niet-bestaande shariadriehoek. Wat je vervolgens ziet, is dat meer kranten, journalisten en politici bewust of onbewust er van uitgaan dat de werkelijkheid is zoals die beschreven is.

Conventies
Natuurlijk, journalisten (en politici) zijn doorgaans conventionele mensen. Ze willen hun mening niet te veel laten afwijken van dat wat zij denken dat algemeen maatschappelijk aanvaard is. Maar juist van journalisten en politici mag je meer kritisch denkvermogen en feitenonderzoek verwachten. Zolang dat niet plaats vindt, blijft de beschreven werkelijkheid de werkelijkheid.

Hetzelfde gebeurt bij de beeldvorming rond Frans Timmermans; werd hij eerst bejubeld vanwege zijn talenkennis en diplomatieke vaardigheden; de laatste dagen bepaalt vooral zijn persoonlijk functioneren het nieuws. En iedereen kakelt elkaar weer na.

Is dit allemaal erg? Zolang er niets serieus aan de hand is, niet. Maar de journalistieke en politieke ongerichtheid kan ook voorkomen als er wél een zaak van leven of dood speelt. En dan kan het opeens snel gaan.

Het belangrijkste wat een politicus doet is niet het nemen van beslissingen of het uitoefenen van macht. Dát gaat in een dictatuur echt veel beter. Het belangrijkste wat een politicus doet, is het in stand houden van de democratische rechtsorde. Voor serieuze journalisten geldt iets soortgelijks; iedereen met een toetsenbord kan een mening geven of roepen dat iets ergens gebeurd is. Maar de taak van de journalist is om het vrije en kritische woord te bewaren, duiding te geven aan de feiten door ze in een context te plaatsen, en kritisch te blijven op macht, zelfs hun eigen rol daarbij.

Medialogica is geen natuurverschijnsel.

Deze tekst staat ook op het weblog van Robbert

Geef een reactie

Laatste reacties (17)