674
2

Emeritus hoogleraar Gezondheidszorg

Ivan Wolffers (1948) studeerde af als arts. Sindsdien schrijft hij over medische onderwerpen, variƫrend van medicijnen tot zijn eigen prostaatkanker. Hij promoveerde in de medische antropologie en werd in 1989 benoemd tot buitengewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam waar hij tot zijn emeritaat in 2014 Gezondheidszorg en Cultuur doceerde.

Meer hersenen, meer zelfbeheersing?

Iedere dag een gezond weetje! Vandaag over zelfbeheersing

Is het zo dat in de loop van de ontwikkeling van dieren er zoiets ontstaan is als zelfbeheersing die helpt bij het overleven? De experimenten die medewerkers van meer dan 25 universiteiten met allerlei verschillende dieren deden zouden laten zien dat hoe groter de hersenomvang des te meer zelfbeheersing de dieren hebben. ‘The evolution of self-control’ (de evolutie van de zelfbeheersing) staat er boven het artikel en dat suggereert heel wat. Zou de mens dan uiteindelijk het allermeeste zelfbeheersing hebben?

Het onderzoek zat als volgt in elkaar: Er zat voedsel in een doorzichtige cilinder. Het was dus goed te zien. De dieren waren echter van te voren getraind om naar een zijopening te zoeken om het voedsel eruit te halen. Chimpansees, orang-oetans en andere grote aapachtige hadden weinig moeite die zijopening te vinden en zo het voedsel te bemachtigen. Bij kleinere dieren waren de resultaten gemengd.  Ze zien het voedsel, hebben honger en proberen bij wijze van spreken door het glas heen te gaan, komen onvoldoende toe aan wat ze geleerd hebben, de zijopening gebruiken.

In een ander experiment zagen de dieren drie schalen en ze zagen ook in welke schaal het voedsel werd gedaan (meestal schaal A). Vervolgens werden de schalen omgedraaid. Rara waar zit het eten?  Als de dieren het vonden ondergingen ze een tweede test: het voedsel werd in een andere schaal gedaan. De kleinere dieren bleven dan echter naar kop A gaan, de schaal waarvan ze aanvankelijk geleerd hadden waar het voedsel in zat.

De onderzoekers komen tot de conclusie dat je voldoende leercapaciteit moet hebben om het voedsel te vinden. Dat betekent grotere hersenen met voldoende ruimte voor verbindingen erin die dan helpen je zo snel mogelijk het raadsel van waar zit het hapje helpt oplossen. Ook concluderen ze uit het onderzoek dat dieren die het meest gevarieerde dieet hebben de meeste zelfbeheersing tonen.

Met zelfbeheersing bedoelen deze onderzoekers dus dat je niet als een malloot tegen het glas blijft botsen door je emotie om bij dat eten te komen, maar afstand neemt om de toegang tot het voedsel te vinden. Als ik me er iets bij voor moet stellen dan zie ik mensen die niet tegen de winkelruit van McDonald’s en Burger King aan blijven lopen, maar de deur weten te vinden en precies weten wat ze daar moeten bestellen en wat het kost. Ik weet niet of je dat nu zelfbeheersing noemt. Bovendien vraag ik me altijd weer af of die beheersing echt helpt nadat je getraind bent in het naar binnen werken van veel energierijk voedsel als het er is. Wij mensen hebben vrij grote hersenen en zijn via effectieve promotiecampagnes uitstekend getraind de deur van de leverancier te vinden.

Volg Ivan Wolffers ook op Twitter
Ivan schrijft voor Joop elke dag een Gezond Weetje van de Dag: 
klik hier voor een overzicht


Laatste publicatie van IvanWolffers

  • Broer van God

    Oktober 2017


Geef een reactie

Laatste reacties (2)