625
5

live bij De Gids FM op Radio 1

Modieuze waterschappen veroorzaken zelf overlast

Les van de dreiging in het Noorden: Veiligheid is belangrijker dan ecologie

Geart Benedictus, oud-senator voor het CDA en oud-portefeuillehouder water voor de Provinciale Staten van Friesland, betoogt in onderstaande bijdrage dat de waterschappen zelf de wateroverlast van de voorbije week hebben veroorzaakt. Benedictus schuift aan in het Joop-Debat. Ook de dijgraaf van het waterschap Friesland is te gast.


Het Joop-debat is live te zien en te horen bij De Gids FM om circa 11:45 uur op Radio 1. 

Friesland was vorige week een groot moeras en in Groningen werden bewoners geëvacueerd omdat de dijken van het Eemskanaal mogelijk zouden doorbreken. Hebben we met een natuurramp te maken of komt dit door falend beleid van de waterschappen?

De afgelopen weken is er behoorlijk wat regen gevallen. Van clusterbuien, neerslag die lijkt op tropische stortregens, was echter geen sprake. Toen naast de royale hoeveelheid water de sterke wind echter uit een andere hoek ging waaien, was Leiden in last.

Het waterbeheer is een getrapt systeem. De laaggelegen polders pompen het water in de boezem. Daarvandaan stroomt het naar het IJsselmeer of de Waddenzee. Dat laatste gebeurt onder meer door gebruik te maken van het natuurlijke hoogteverschil tussen de zee en de boezem.

In Friesland bedroeg het verschil in waterpeil tussen Noordoost- en Zuidwest-Friesland vorige week ruim een meter. Het peil van de boezem was op veel plekken net onder de kruin van de deels al opgehoogde kades. Het malen uit de polders moest stoppen.

In Groningen hetzelfde laken en pak. Vanwege de waterhoogten in de Waddenzee was lozen vanuit het Lauwersmeer en naar de Dollard dagenlang onmogelijk. En het bleef maar regenen. Toen ging het mis. Gevolg: gedwongen evacuaties van mens en dier, schade aan dijken en kaden, ondergelopen landerijen en recreatiegebieden en veel bestuurlijke drukte.

Bij de vorige overstroming in het noorden in 1998 stelden boeren, ingenieurs en andere deskundigen dat de waterschappen te laat hadden geanticipeerd op de weersvoorspelling. Dat geldt nu weer. Daarnaast is er sprake van onvoldoende onderhoud van dijken en kaden, achterstand bij het baggeren en vertraging van de ophoging van oevers en kaden. Dit laatste is in Friesland bijvoorbeeld pas in 2019 afgerond.

Grootmoeder

De waterschappen zijn verantwoordelijk voor het waterbeheer. Zij voeren naar eigen zeggen „een modern 21e-eeuws waterbeleid.” Dat houdt concreet in dat het water zolang mogelijk ter plekke wordt vasthouden. Als dat niet mogelijk is bergt men het in overloopgebieden; dit om het zijgen naar de ondergrond te bevorderen. Pas daarna voeren de waterschappen het water af. Dat moet zo natuurlijk mogelijk, liefst zonder een zeegemaal, om de ecologie niet te verstoren.

Het effect van die overlooppolders is als de spreekwoordelijke druppel op de gloeiende plaat. Door bepaalde gebieden in Friesland onder water te zetten, verlaagt de waterstand in de totale boezem totaal 1 centimeter, zo bleek vorige week. Dergelijke polders zijn wel effectief bij lokale clusterbuien maar werken slecht bij een poging het peil van de boezem te verlagen.

Dat niet alles tiptop is bij het waterbeheer, is niet de reden van de overstromingen in het noorden. De oorzaak is een verkeerde filosofie. De waterschappen, onder druk van de groene lobby, hebben ecologische belangen en grootmoeders tijd op het netvlies. Vroeger liepen de landerijen ook onder. Toen had men daar totaal geen problemen mee, redeneert men.

De waterschappen falen door de modieuze tijdsgeest te volgen. Daarbij verloochenen zij hun bestaansrecht: veiligheid en nog eens veiligheid. De vraag is of we dat anno 2012 als samenleving nog willen. Het eigendom van anderen, inclusief levende have, wordt in de waagschaal gesteld.

Veiligheid is door het nieuwe beleid afhankelijk van de grillen van de onvoorspelbare natuur. Die risico’s nemen alleen maar toe. Kijk maar naar de voorspellingen over stijging van de zeespiegel, inklinking, verzakking door gaswinning en meer regen.

Speelbal

Veiligheid dient voorop te staan. De (heffing betalende) inwoners en bedrijven wordt door het huidige beleid onvoldoende veiligheid geboden. Ook ontstaat onnodige economische schade, zo is vorige week weer gebleken. De bouw van enkele gemalen is veiliger en bovendien betrouwbaarder, effectiever en per saldo goedkoper dan dit modieuze gedoe.

Moeten we de waterschappen daarom maar opheffen? Nee, natuurlijk niet. Als de brandweer zijn werk niet goed doet, ga je die ook niet opheffen. De waterschappen moeten bij activiteiten veiligheid vooropstellen en zich niet laten afleiden door modegrillen of bepaalde natuuropvattingen.

Het is ook niet verstandig om de waterschappen voortaan maar onder te brengen bij de provincie. Als het beheer over de waterschappen naar de provincies zou gaan, dan neemt de kans op calamiteiten alleen maar toe. De provincies willen dolgraag een eigen inkomensstroom op gang zetten. De heffing van het waterschap is daarvoor ideaal.

De waterschappen claimen een eigen heffing omdat veiligheid dan geen speelbal is van de politiek. De realiteit in het noorden is helaas anders.

Wellicht is het een goed idee om waterveiligheid voortaan te betalen uit de algemene middelen. Dat kan via een opslag op de inkomsten- en vennootschapsbelasting. De sterkste schouders betalen dan de zwaarste lasten.

En de waterschappen? Mooi zo laten, maar ontneem ze het recht om geld te heffen bij de burgers.

Dit stuk verscheen eerder in het Reformatorisch Dagblad

Geef een reactie

Laatste reacties (5)