Laatste update 18:48
4.006
17

Historica

Petra Meese was tot oktober 2010 raadslid in Nieuwegein en voorzitter van de landelijke patiëntenvereniging Whiplash Stichting Nederland (WSN). Door stage in onderwijs verliefd op en geïntrigeerd door Caribisch Nederland. Nadat bekend werd dat Bonaire vanaf 10-10-10 een Nederlandse gemeente zou worden, besloot Meese met haar gezin om naar Bonaire te vertrekken om daar een sociaal-maatschappelijke bijdrage te kunnen leveren. Opleiding historica en franse taal-cultuur wetenschappen.

Nederland laat de kinderen van Bonaire aan lot over

Al in 2010 was bekend dat kinderen honger leden, dat ze overleefden door dagenlang rijst met suiker te eten of dat kinderen bijverdienden door seksuele diensten aan te bieden voor $5 telefoonkaarten

cc-foto: Boris Kasimov
cc-foto: Boris Kasimov

Sinds 10-10-10 vormen de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba samen ‘Caribisch Nederland’ oftewel BES. De andere eilanden, Aruba, Curaçao en Sint Maarten, vormen aparte landen binnen het Koninkrijk. Begin oktober 2010 vertrok ik samen met mijn gezin naar Bonaire, om daar een bijdrage te kunnen leveren aan de sociale verbetering op het eiland. Na zes jaar keerde ons gezin onlangs terug, noodgedwongen en vele illussies armer.

In 2010 besloot ik samen met mijn man en indertijd twee jaar oude zoontje en achtjarige dochter te verhuizen naar Bonaire. Ik was in 1992 tijdens een stage aan een Curaçaose middelbare school voor het eerst in aanmerking gekomen met het Nederlands-Antilliaanse schoolsysteem. Toen al zag ik direct dat Den Haag meer geld besteedde aan Nederlandse scholen in Europa dan aan Nederlandse scholen op de Antillen. Ik nam me voor om op een dag terug te keren om die achterstanden in kaart te brengen en hopelijk positief te beïnvloeden.

Begin oktober kwam ik aan op Bonaire en mijn oudste dochter moest meteen naar school. We kozen er voor om haar te plaatsen op een lokale school, “Kollegio San Bernardo”, omdat we vonden dat wij als ‘buitenstaanders’ ons moeten aanpassen aan de samenleving, net zoals we het wenselijk vinden dat ‘buitenlanders in Nederland’ zich aanpassen aan ons systeem. We leerden alle vier heel snel het Papiamentu en natuurlijk sprak de een het iets beter dan de ander. We deden ook mee met allerlei lokale culturele activiteiten zoals Carnaval of Dia di Rincon.

Zelf ging ik vrij snel als leesjuf vrijwillig werken op de lagere school van juffrouw Jane Lo-A-Njoe-Brul. In de volgende jaren werden de directrice Jane Brul en ik vriendinnen. Ik zag dag in dag uit de ellende en armoede die sommige kinderen doormaakten en die alleen maar toenam. Natuurlijk zal het bij sommige gezinnen beter zijn gegaan, maar dat zal zijn geweest bij families waarbij de ouders werkzaam zijn in de lokale politiek (vaak gesteund door CDA en PvdA de partijen die daar de scepter zwaaiden). Ik ging samen met toenmalig D66 Tweede Kamerlid Wassila Hachi op bezoek bij kindernoodopvangbedrijven. De situatie was schrijnend, al in 2010 was bekend dat kinderen honger leden, dat ze overleefden door dagenlang rijst met suiker te eten of dat kinderen bijverdienden door seksuele diensten aan te bieden voor $5 telefoonkaarten.

In augustus 2011 ging ik aan de slag als docente Frans aan de enige middelbare school op Bonaire. Ik schrok me een hoedje. Drugs, een gebrek aan boeken, te laag opgeleide docenten, wapens op school en een cultuur van aanranding die zo bedreigend was dat de meisjes alleen met z’n tweeën tegelijk het toilet bezochten. Het leek allemaal de ‘normaalste zaak van de wereld’.

In 2012 besloot ik samen met mijn man en eilandbewoner Manolo Soleano een voedselbank op te richten. De verhalen van honger, van dagenlang water en alleen rijst met suiker eten, vond ik ondraaglijk. Ik ging letterlijk de supermarkten langs, haalde er gratis “producten die tegen de einddatum liepen”. De ‘voedselbank’ was heel vernuftig opgezet, om zo effectief mogelijk te zijn. Als voorzitter bezocht ik alle directeuren van de lagere scholen persoonlijk. Elke directeur wist precies te vertellen welke leerlingen echt voedselhulp nodig had en wie niet. De afspraak was dat ik bij elke school een aantal voedselpakketten zou afleveren, die niet bij de ouders maar bij de kinderen zelf terechtkwamen. Dat voorkwam ook schaamte bij de ouders of verzorgers. Een ommekeer in het voedselbank denken.

Dat aanpak was echter niet van lange duur. Een lokale bestuurder besloot om over ons goede, onbaatzuchtige initiatief heen te stappen, geholpen door de Hollandse expats en notabene subsidie uit Nederland. We stopten het project en zagen hoe de mediageile rode politicus louter voor de bühne opereerde, even op de foto en dan gauw weer weg. Het ging me aan het hart. Ik hield echt van de kinderen en wilde hen blijven helpen, maar hoe?

We zagen de situatie, de honger en achteruitgang van de middelbare school alleen maar erger worden, terwijl de CDA-rijksvertegenwoordiger Stolte en daarna de PvdA-rijksvertegenwoordiger Isabella maar bleven wegkijken. Ik probeerde persoonlijk bij Isabella aandacht te vragen voor het belabberde onderwijs. Hij wuifde alle kritiek weg terwijl minister Bussemaker een aantal maanden later zelf wel luisterde naar de kritiek en de directie plus het bestuur van de middelbare school de laan uitstuurde. Inmiddels is Isabelle, een oud-wethouder uit Utrecht, in opspraak geraakt wegens declaraties.

In 2013 benoemde PvdA-minister Plasterk de toenmalige, eveneens in opspraak geraakte, Bonaireaanse gezaghebber Lydia Emerencia tot interim-directeur van Scholengemeenschap Bonaire (SGB). Een soort handjeklap dus binnen de rode Pvda gelederen: jij weg als gezaghebber, maar in ruil een baantje als directeur van de scholen.

Na Emerencia’s aanstelling ging met name de schoolkwaliteit van het Liseo Bonaireano (havo/vwo) snel achteruit. Gingen alle collega’s op school in 2011 nog gemoedelijk met elkaar om, na haar komst ontstond er een vierdelig kastensysteem onder de medewerkers waarbij blanke Nederlandse medewerkers met dito partner de laagste kaste vormden. Puur racisme, maar dan andersom: veel blank personeel vloog eruit of werd overgeplaatst dan wel weggepest.

Onze blanke Nederlandse dochter werd op de enige middelbare school door medewerkers van de school gediscrimineerd: haar werd op een dag zonder reden het schoolrecht ontnomen. Ik kaartte dat aan, tot bij de Tweede Kamerleden aan toe die haar verwezen naar het racismemeldpunt. De school was zo bizar slecht, ik werkte er zelf 2,5 jaar, dat ik geen andere oplossing zag opnieuw te remigreren naar Nederland. Directeur Emerencia werd uiteindelijk in 2016 door staatssecretaris Dekker ontslagen, maar de kwaliteitsachteruitgang van het onderwijs was daarmee niet meer terug te draaien.

Het doet mij persoonlijk veel pijn om te moeten constateren dat het mij niet gelukt is om een verbetering van het onderwijs op Bonaire te bewerkstelligen. Het is mislukt door politieke tegenwerking van de rode Partido Democraat (DP), een zusterpartij van de PvdA. Nederland, en CDA en PvdA in het bijzonder, moet zich schamen zo met eigen Nederlandse kinderen om te gaan, de armoede in stand te houden en de leerlingen dom te houden. Elk kind verdient ieder dag voeding en goed onderwijs, ook de kinderen op Bonaire en de andere eilanden. Doe er iets aan. Maak bijvoorbeeld de kinderbijslag net zo hoog als die in Europees Nederland. En kijk niet langer weg: maak een einde aan de vriendjespolitiek.

Geef een reactie

Laatste reacties (17)