6.561
65

Socioloog

Gregor Walz is socioloog, doet onderzoek naar discriminatie en grondrechten bij RADAR, is opgegroeid in Berlijn en woont sinds 2007 in Nederland

Nederlandse media weinig kritisch over Pegida

De Duitse kritiek wordt in Nederland gezien als het monddood maken van 'een bepaald sentiment'. Maar van taboe op islamkritiek is in Duitsland geen sprake

In de Nederlandse media is de afgelopen week veel kritiek geuit op de Duitse reactie op de Pegida-demonstraties die zich tegen de vermeende ‘islamisering’ van Duitsland keren. In plaats van blij te zijn met de felle Duitse tegenreactie, doen Nederlandse journalisten hun best om een op z’n minst gezegd dubieuze beweging te verdedigen.

In de Volkskrant schrijft Rolf Bos neerbuigend over de ‘actiejournalistiek’ van de Duitse krant Bild, Sander van Walsum klaagt niet één maar twee keer over Merkel die de demonstranten niet serieus zou nemen, en ook de NOS bekritiseert de Duitse journalisten die niet met de demonstranten in gesprek zouden gaan.

Maar wat is er eigenlijk mis met een open en fel debat?

Er rust geen taboe op Pegida in Duitsland
Pegida vertolkt dan misschien het zogenaamde ‘multiculturele ongemak’ van een grote groep Duitsers, de demonstranten maken daarbij bewust gebruik van nazi-terminologie (Lügenpresse) en staan niet open voor enige vorm van gesprek. De hooligans en neo-nazi’s die in Dresden meelopen hebben zich niet alleen ‘aangesloten’ bij de beweging, zoals in de Volkskrant wordt gesuggereerd. Zij vormen de letterlijke voorlopers en de vaste kern. Nog voordat Pegida bestond, gingen hooligans en nazi’s gezamenlijk de straat op onder de naam HoGeSa (Hooligans tegen Salafisten). De naam van Pegida refereert weliswaar aan Europa, maar het begrip ‘Avondland’ is een strijdterm die geenszins als neutraal gezien kan worden. Het feit dat er ook ‘gewone’ burgers meelopen bij de betogingen betekent niet dat er geen inhoudelijke kritiek op geleverd mag worden.

Toch wordt de Duitse tegenreactie van politici, media en activisten in Nederland gezien als het monddood maken van ‘een bepaald sentiment’. Maar het zou onjuist zijn om te beweren dat islamkritiek of kritiek op het multiculturalisme in Duitsland taboe zijn. Merkel zelf heeft ‘multiculti’ al dood verklaart, en er zijn voldoende voorbeelden van anderen die dicht tegen het Pegida-sentiment aanschurken. Het zou dan ook eerder gerechtvaardigd zijn Merkel en Bild hypocrisie te verwijten dan zeggen dat ze de beweging het niet serieus nemen.

Duitse media doen het goed
Uit onderzoek van de Bertelsmann Stiftung bleek inderdaad dat 57 procent van niet-islamitische Duitsers aangeeft zich bedreigd te voelen door de islam. Na de aanslagen in Parijs afgelopen week zal dit percentage waarschijnlijk nog hoger uitvallen. Uit dezelfde studie blijkt echter ook dat 90 procent van ‘hoogreligieuze’ Duitse moslims zich achter de Duitse democratie scharen en veel contact met zowel moslims als niet-moslims hebben. Daar kunnen de Pegida-demonstranten nog een puntje aan zuigen.
De zorgen van mensen serieus nemen betekent niet dat we deze zorgen moeten bevestigen. Het siert de Duitse media dat zij berichtgeving over Pegida vergezellen van fact checks van de beweringen over vermeende ‘islamisering’. Een eerlijk, open en democratisch debat houdt ook in dat de deelnemers zich fel mogen uitspreken tegen een beweging als Pegida. Dat de racistische aspecten daarvan benoemd worden, is een teken van alertheid, niet van taboeïsering.

Kritiek van uit Nederland zegt iets over ons
In Nederland is de discussie over de multiculturele samenleving eerst doodgezwegen en vervolgens zijn juist de tegenstanders van racisme monddood gemaakt. Het trauma na Fortuyn is de democratische debatcultuur van Nederland zeker niet ten goede gekomen. De kritiek op Merkel en Bild vanuit Nederland zegt dan ook meer over de situatie hier dan over het debat in Duitsland.
Sinds vorige week probeert Pegida de aanslag in Parijs te misbruiken om nog meer mensen op de been te krijgen. Ook in deze gevoelige context blijven veel mensen in Duitsland, zowel de elite maar ook de activisten op straat, zich uitspreken tegen racisme. Laten we er blij mee zijn in plaats van te doen alsof wij in Nederland beter weten. Juist ook na de gebeurtenissen in Parijs, moeten we kritiek kunnen uiten, zonder beschuldigd te worden van demonisering of taboeïsering. Niet alleen de demonstranten van Pegida, maar ook hun tegenstanders hebben het recht om te ‘zeggen wat je denkt’.

Geef een reactie

Laatste reacties (65)