953
7

ex-voorzitter Jonge Democraten

Thomas Bakker (23) was van oktober 2009 tot oktober 2010 voorzitter van de Jonge Democraten (JD), de politieke jongerenorganisatie gelieerd aan D66.Nog altijd zet hij zich binnen en buiten de JD in voor het voorkomen van een kloof tussen jong en oud als gevolg van de vergrijzing. Thomas groeide op in Alkmaar. Hij ronde daar zijn vwo af aan de o.s.g. Willem Blaeu, nadat hij eerst drie jaar op het Murmellius Gymnasium had gezeten. Momenteel woont hij in Utrecht waar hij bestuurs- en organisatiewetenschap studeert aan de Universiteit Utrecht.

Neem gemeentepolitiek serieus, spreid de verkiezingsdata

Woensdag a.s. vinden in heel Nederland gemeenteraadsverkiezingen plaats. Landelijk gecoƶrdineerde campagnes van de politieke partijen zijn momenteel in volle gang.

Landelijke kopstukken gaan met elkaar en debat en waren de afgelopen weekenden flyerend op straat in verschillende dorpen en steden te vinden. De kritiek over de onwenselijkheid van deze Haagse inmenging is al jaren oud. Maar los van deze bezwaren brengt het gelijkgestelde stemmoment ook bestuurlijke bezwaren met zich mee. De verkiezingendatum zou daarom geflexibiliseerd moeten worden.

Het CDJA, de jongerenorganisatie van het CDA, gaat in deze campagne op pad met tien Fiat 500s voorzien van afbeeldingen van  premier Balkenende. Maar geen enkele Nederlander kan op de minister-president stemmen op 3 maart, ook niet in zijn woonplaats Capelle aan den IJssel. Het CDJA illustreert met deze campagnestunt mooi de dominantie van landelijke over lokale politiek bij de komende verkiezingen. Het probleem werkt ook andersom: de aankomende lokale verkiezingen hebben grote invloed op het politieke spel in Den Haag. De met moeite afgewende coalitiecrisis na de presentatie van het rapport Davids, lijkt in hoge mate een gevolg van scoringsdrift van de coalitiepartners CDA en PvdA. Weinigen twijfelen eraan dat het toeval is dat de ambtelijke commissies pas ná de komende verkiezingen met hun ongetwijfeld (electoraal) pijnlijke miljardenbezuinigingen komen.

Tegelijkertijd zorgt de vastgestelde verkiezingsdatum ervoor dat de lokale democratie niet zo effectief is als zij zou kunnen zijn. Het afgelopen najaar raakte de Nijmeegse coalitie in een crisis, tot aan 3 maart moet de stad nu door met een demissionair college. Meestal leiden gebroken coalities in gemeenten tot nieuwe coalitieonderhandelingen, waarbij samenwerking tussen zeer uiteenlopende politieke partijen soms het enige alternatief blijkt. Op landelijk niveau werkt dit anders. Als het Kabinet niet meer door één deur kan, resulteert dit in ontbinding van de Tweede Kamer. Na ontbinding van de Tweede Kamer vinden tussentijdse verkiezingen plaats. Ook voor een gemeenteraad van een gevallen college, zou het wenselijk zijn de stembusgang op zo’n moment open te stellen. Maar omdat in de Kieswet het moment is vastgelegd waarop alle gemeenteraadsleden in Nederland moeten aftreden, is individuele stembusgang voor een gemeente niet toegestaan. Aanpassing van deze wetgeving en afschaffing van de landelijke datum voor gemeenteraadsverkiezingen, brengt een gemeente na een bestuurlijke crisis snel weer vooruitgang.

Daarnaast is het een goede democratische traditie dat een volksvertegenwoordiging na een ernstige politieke crisis terugaat naar het volk en vraagt om een nieuw mandaat. Op lokaal niveau is dat nu onmogelijk; terwijl een volksvertegenwoordigd orgaan toch zelf moet kunnen besluiten wanneer zij een nieuw mandaat nodig heeft? In mijn ogen is het vreemd dat het de gemeenten niet vrij staat om zelf te gaan over haar verkiezingen. Deze vrijheid zal er tevens toe leiden dat de lokale volksvertegenwoordiging haar controlerende functie effectiever kan uitoefenen. Immers, nu is er een grote drempel om een coalitie halverwege de rit naar huis te sturen. Partijen moeten namelijk vervolgens nog een aantal jaar met elkaar verder in de huidige, onwerkzame, machtsverhoudingen.

Wellicht heeft de grote landelijke aandacht voor de gemeenteraadsverkiezingen tot resultaat dat opkomstcijfers bij deze verkiezingen hoger liggen dan wanneer deze gemeenteraadsverkiezingen gespreid zouden plaatsvinden.  Hoge opkomstpercentages moeten echter niet het grootste streven zijn. Wat is een stem waard op het moment dat deze niet wordt gemaakt op basis van aangedragen oplossingen voor lokale problematiek, maar van de landelijke aantrekkelijkheid van een politieke partij? Bovendien is het nog maar de vraag of de opkomsten daadwerkelijk dalen. Zo was de opkomst bij de vervroegde verkiezingen in Venlo afgelopen najaar hoger dan bij de verkiezingen van vier jaar geleden. Het is goed mogelijk dat door de nadruk op de lokale politieke vraagstukken men zich juist meer bewust wordt van het eigen belang dat mensen hebben bij de verkiezingsuitslag.

Er is geen dwingende reden waarom gemeenteraadsverkiezingen over het hele land op één datum zouden moeten zijn. Gemeenteraadsverkiezingen worden nu al door gemeentes zelf georganiseerd, en dat blijft zo met een flexibele termijn dus van schaalvoordelen in de organisatie kan geen sprake zijn. Gespreide verkiezingen hebben grote voordelen. Lokale verkiezingen gaan dan over lokale thema’s, landelijk politiek wordt niet meer beïnvloed door gemeenteraadsverkiezingen en andersom. Het CDJA kan op pad met Fiat 500s met gemeentelijsttrekkers, de bestuurbaarheid van gemeentes na een politieke crisis neemt toe en de controlefunctie van de lokale volksvertegenwoordiging wordt versterkt. Gespreide verkiezingsdata zijn beter voor het democratische proces op lokaal niveau.

Geef een reactie

Laatste reacties (7)