1.294
80

Historicus

Han van der Horst (1949) is historicus. Hij schreef onder meer The Low Sky: understanding the Dutch', Nederland: de vaderlandse geschiedenis van de prehistorie tot nu, Een bijzonder land, het grote verhaal van de Vaderlandse geschiedenis, Onze Premiers en Schep Vreugde in het Leven, Levenslessen uit de grote depressie. Op elke laatste zondag van de maand is hij om elf uur in de ochtend te horen als boekbespreker in het VPRO-radioprogramma over geschiedenis OVT.

Niks-aan-de-hand-land

Objectief gezien beleven we een van de veiligste decennia uit de geschiedenis van het land, maar toch zien we overal de schaduwen van monsters

Als het allemaal lukt met die gedoogbeweging, zoals mijn moeder zaliger het zou zeggen, dan worden we woensdag getrakteerd op het Ministerie van Veiligheid, want Nederland gaat rillend over straat. Achter elke boom schuilen rovers en terroristen. In elke trein kan een verdacht pakketje liggen.

Het is nog nooit zo erg geweest. Of valt het vandaag de dag juist mee. Deze zondag bespraken Paul Arnoldussen en ik voor het radioprogramma over geschiedenis OVT een boek over gewelddadige activisten uit de jaren zeventig. Het heet De Zaterdagmiddagrevolujtie en auteur is de historicus Maarten van Riel uit Utrecht. Dan heb je zowel college gehad van Maarten van Rossum als van Arend Jan Boekestijn.
 
Ter zake: zijn boek vertelt de geschiedenis van een maoïstische splintergroepering, de Rode Jeugd Eindhoven, die zich in de jaren zeventig schuldig maakte aan terroristische aanslagen. Een hoofdrol speelt voorman Lucien van Hoesel. Hij en zijn kameraden waren in de weer met pijpbommen. Zij staken de Mercedes van een politiecommissaris in brand. Ze bestookten sommige huizen van de klassevijand met molotovcocktails. Van Hoesel kwam uiteindelijk achter de tralies terecht en daar bemiddelde hij succesvol tussen het gezag en twee Palestijnse terroristen die middels een gijzeling vrijlating wilden afdwingen.
 
Paul en ik kwamen meteen op dezelfde gedachte: wat leven we toch in een rustige tijd vergeleken met de jaren zeventig. In de eerste helft van het afgelopen decennium vonden twee politieke moorden plaats – op Pim Fortuyn en Theo van Gogh – maar voor het overige is het toch opmerkelijk rustig. Ja, er zijn wat fanatieke adolescenten met Bin-Laden-ambities tijdig opgepakt en tot stevige gevangenisstraffen veroordeeld, maar voor de rest was er toch weinig of niets aan de hand.
 
Vergelijk dat eens met de jaren zeventig van de vorige eeuw: een paar keer gijzeling van treinpassagiers door Molukse terroristen en eenmaal van een kleuterklas. Overval door dezelfden op de Indonesische ambassade. Acties van het Japanse rode leger en van de Duitse Rote Armee Fraktion (RAF) waarbij een Nederlandse politie-agent werd doodgeschoten. Bommenleggerij van de Rode Jeugd afd. Eindhoven. Tel daar nog bij de zwaren Geen Woning Geen Kroning rellen op 30 april 1980, toen Amsterdam in een slagveld veranderde, terwijl in de Nieuwe Kerk Beatrix de kroon aanvaardde. Vergeleken met nu was er veel en veel meer politiek gemotiveerd geweld dan nu. Er vielen ook veel meer slachtoffers, bijvoorbeeld in die gegijzelde treinen.
 
Of denk aan Rara dat eind jaren tachtig begin jaren negentig aanslagen pleegde op de Makro en het huis van de PvdA-staatssecretaris Aad Kosto opblies omdat hij naar het idee van deze activisten te streng optrad tegen immigranten.
 
Toch bleef de hele Nederlandse bevolking daar rustig onder. Geen mens dacht er over om een Ministerie van Veiligheid in het leven te roepen. Niemand gaf enige bevolkingsgroep de schuld van de onrust. Stel je voor dat er nu, zoals in 1977 kamerverkiezingen plaats vonden, waarbij de belangrijke lijsttrekkers (toen Den Uijl en Van Agt) geen tijd hadden voor een campagne omdat ze een treinkaping tot een goed eind moesten brengen. Wat zou dat in 2010 niet allemaal te weeg brengen aan woede, emoties, chaos, misschien wel straatrellen?
 
Het hele land zou zich in gisting en agitatie bevinden. In de jaren zeventig zaten de mensen zwijgend voor de tv naar de trein met gijzelaars te kijken, die ver weg in het land stond.  
 
Die gisting heerst nu wel, in 2010. We leven in een niets-aan-de-hand-land, maar we doen alsof de hele samenleving op springen staat. En dat terwijl het terrorisme een fractie is van dat in de jaren zeventig.
 
Objectief gezien beleven we een van de veiligste decennia uit de geschiedenis van het land, maar toch zien we overal de schaduwen van monsters die door de lage herfstzon op de muur geworpen worden. Angst is lang niet altijd de verkeerde leermeester. Toch is het nuttig om te weten dat veel van schaduwen niet van echte monsters zijn. En dat we een stuk minder kans lopen om tussen terroristen verzeild te raken dan in de jaren zeventig van de vorige eeuw. De zaken in hun proporties zien hoeft geen gebrek aan waakzaamheid te betekenen.


Laatste publicatie van Han van der Horst

  • Nepnieuws

    Een wereld van desinformatie

    Februari 2018


Geef een reactie

Laatste reacties (80)