583
17

Beeldend kunstenaar

Jonas Staal (1981) is beeldend kunstenaar en studeerde monumentale kunst in Enschede en Boston. Op dit moment werkt hij aan zijn PhD onderzoek 'Kunst en propaganda in de 21ste eeuw' aan de Universiteit Leiden. Hij is de grondlegger van de artistieke en politieke organisatie New World Summit (zie: http://www.newworldsummit.eu), die zich inzet voor organisaties die worden buitengesloten van democratische processen.

Occupy Beursplein? … Occupy Starbucks!

Occupy Campaign #7: Fascinerend is dat Occupy Starbucks vanuit dezelfde gedachte handelt, maar van het visuele model van andere Occupy protesten afwijkt: zij organiseerde zich niet letterlijk in de buitenruimte, maar in de publieke ruimte die keten is geworden

Dit weekend voert een uit de Occupy-beweging voortgekomen tak met de naam ‘Occupy Campaign’ actie in onder meer de Jan van Galenbuurt in Amsterdam. Dat gebeurt naar Amerikaans model: met folders, banners, een huis aan huis team en een phonebank. Zie: www.occupycampaign.nl. Joop publiceert een aantal teksten van betrokkenen over Occupy, over de maanden op Beursplein, de doelstellingen van de Occupy beweging, dilemma’s en scenario’s voor de toekomst. Hier Jonas Staal over Occupy als keten.

Enkele weken geleden was ik in Istanbul om te spreken met een groep studenten die zich hadden georganiseerd onder de naam Occupy Starbucks. Zij vormen in Turkije de enige tak van de Occupy beweging, die wij meestal kennen in relatie tot een specifieke plaatsnaam (Occupy Wall Street, Occupy Berlijn…), maar die in dit geval betrekking heeft op een plek zonder wortels.

De democratiseringsbeweging Occupy nam aan het einde van 2011 in enkele maanden de pleinen van onze steden over, van Spanje tot New York, van Parijs tot Amsterdam. In onze hoofdstad situeerden zij zich middels een massa tentjes, een publieke keuken en dagelijkse openbare vergaderingen op het Beursplein, in het commerciële en financiële centrum van de stad.

Ik sloot mij samen met een groep kunstenaars bij de beweging aan. Wij verbleven op het Beursplein zonder leiders en zonder vaste agenda. Met de fundamentele overtuiging dat de toekomst van onze politiek, onze economie, onze natuurlijke bronnen en ons publieke domein in handen moet zijn van de gemeenschap als geheel. Niet in handen van enkele geprivilegieerde ‘vertegenwoordigers’. Politiek behoort ons allen toe, iedereen heeft het recht op en de politieke plicht tot zelfvertegenwoordiging en in die gedachte probeerden wij de maanden op Beursplein te handelen. Occupy is een non-exclusieve beweging, die eist dat politieke activiteit op alle niveaus weer verbonden wordt aan haar basis: de straat.

Fascinerend was dat Occupy Starbucks vanuit dezelfde gedachte handelde, maar van het visuele model van andere Occupy protesten afweek: zij organiseerde zich niet letterlijk in de buitenruimte, maar in de publieke ruimte die keten is geworden (de plek die – helaas– de werkelijke sociale ruimte in onze samenleving is geworden).

Toen ik de bezetters van in Istanbul sprak waren de kampen wereldwijd aan het verdwijnen, ook die in Amsterdam. Zij waren zelf rond november begonnen, en zaten er nog steeds. Een protest gezeteld in de Starbucks van het universiteitsgebouw dat de bezetters uit protest tegen de commercialisering van hun studie- en leefruimte hadden overgenomen. In het filiaal was het warm (buiten lag een duimendikke ijslaag), er waren bedden gebouwd, een bibliotheek, een alternatieve keuken en zelfs een koffiehoek waar een kop de helft van de prijs koste als de koffie van de Starbucks zelf. Zij gebruikten het model van de keten dus effectief tegen zichzelf: middels financiële competitie. Het bedrijf was bang voor imagoschade indien zij de studenten met geweld zouden verwijderen, en dus had de leiding gekozen het filiaal vierentwintig uur per dag geopend te houden om zo de bezetters enigszins in de gaten te kunnen houden en in de hoop hen op lange termijn te ontmoedigen.

Achterin het filiaal lagen twee verveelde bedienden te slapen. Door de infrastructuur die door de bezetting was aangelegd was het überhaupt onmogelijk om nog bij de kassa te komen. De bedienden zetten elke dag koffie en plaatsten lekkernijen in een vitrine waar geen enkele bezoeker nog kon of wilde komen, en die allen dan ook weer in gootsteen of prullenbank verdwenen. Dit achtergedeelte van de Starbucks bestond bij de gratie van een ritueel, waarvan de uitvoerders niet konden toegeven dat haar betekenis reeds verloren was gegaan in de werkelijkheid van de politieke actie. Het voorgedeelte van de Starbucks vormde een radicale spiegel: prijzen voor koffie waren naar beneden gedrongen (of gratis voor wie geen geld had), ook niet-consumenten konden er zetelen, lezen, studeren en discussiëren. Zij was van een generieke, commerciële ruimte, tot een waarachtige politieke, sociale ruimte verworden.

In Amsterdam hoorde ik vaak de kritiek van voorbijgangers die observeerden hoe sommige bezetters op het Beursplein met een kop Starbucks koffie in de hand liepen. In hun ogen een paradox want de democratiseringsbeweging Occupy behoorde lijnrecht tegenover de corporate agenda van Starbucks te staan. Interessant genoeg licht Occupy Starbucks juist de overeenkomsten tussen de twee uit, en maakt tegelijkertijd de werkelijk belangrijke verschillen tussen de twee specifiek.

Occupy is een protest in het tijdperk van de keten. Occupy is net als de keten wereldwijd vertakt, en inmiddels even herkenbaar als een McDonald’s. Het tentenkamp, de publieke vergadering, de handgebaren en slogans (“We are the 99%!”): zij voldoet aan alle eisen voor de branding van een succesvolle keten, evenals haar kameleonachtige vermogen zich aan lokale belangen aan te passen. Zo profileert McDonald’s in Zwitserland zich met vlees uit eigen land, in lijn met de obsessie van Zwitsers om met betrekking tot voedselproductie zo isolationistisch mogelijk te opereren. De Zwitserse vlag zwaait dan ook veelvuldig achter de frietgele ‘M’ van het bedrijf. Zo wordt een internationale keten in beeldvorming dus ineens lokaal. Occupy vertoont hetzelfde adaptatievermogen. Aangevuld met een plaatsnaam plooit de democratiseringsbeweging zich naar een bepaalde plaats en absorbeert haar sociale noden.

Occupy gebruikt dus de marketingtechniek van de keten, maar breekt met haar agenda. En daarin ligt ook meteen het belangrijkste verschil. Occupy is er niet om winst te maken. En zij heeft misschien een herkenbare stijl (het tentenkamp) maar zeker geen vast logo dat haar brandmerkt. En Occupy kent geen bepaalde vertegenwoordiger: geen leider of directeur. Occupy Istanbul verkoopt geen koffie om winst te maken, maar om de middelen van de opponent – de zogeheten ‘vrije markt’ (die niet vrij is) – tegen zichzelf te gebruiken. En om middels deze interventie het recht de universiteit, een publieke voorziening, ook daadwerkelijk als plek van collectieve verantwoordelijkheid vorm te geven.

Occupy Starbucks biedt nieuwe invullingen voor het wereldwijde netwerk van Starbucks. In plaats van een generieke keten is zij plots tot een eindeloze reeks potentiële politieke actiecentra geworden. Plaatsen van waaruit een nieuw protest gecoördineerd kan worden. Voorbij de pleinen, via onze ketens, op naar een internationale politiek die de naam democratie waardig zal zijn.

Bekijk hier de Occupy Campaign website

Geef een reactie

Laatste reacties (17)