3.158
61

Analist internationale politiek, Brussel

Tijdens zijn loopbaan bij de Europese Commissie in Brussel vervulde Willem-Gert Aldershoff diverse functies in de departementen voor Internationale Betrekkingen en Binnenlandse Zaken en Justitie. Sinds enkele jaren werkt hij in Brussel als onafhankelijk adviseur en publicist inzake de betrekkingen tussen de Europese Unie en Israël-Palestina.

De afgelopen maanden verschenen bijdragen van hem in de Israelische krant 'Haaretz' en op het blog 'Open Zion' van Peter Beinart in New York. Daarnaast houdt hij zich bezig met Oekraïne.

Overleden Amerikaans Opperrechter Ruth Ginsburg had in 2014 moeten terug treden

Ginsburg had deze voor de Democraten en voorstanders van een redelijke rechtspraak zo moeilijke situatie kunnen voorkomen

cc-foto: Paul Becker

Sinds enkele dagen wordt de politieke discussie in de Verenigde Staten beheerst door de opvolging van de op 18 september overleden rechter van het Hooggerechtshof, Ruth Bader Ginsburg. Zij was daar de tweede vrouwelijke rechter ooit. In haar zevenentwintig jaar als lid van Amerika’s hoogste rechtscollege verrichtte ze baanbrekend werk voor de gelijkheid van vrouwen en minderheden. Haar vele bewonderaars vierden “RBG” als een rockster, er waren zelfs T-shirts en waterflessen met haar afbeelding erop. Ze werd 87 jaar.

Haar overlijden biedt zittend president Trump de mogelijkheid haar opvolger voor te dragen. De grondwet bepaalt dat de president kandidaat-rechters voorstelt en dat de Senaat zijn instemming moet geven voordat zij officieel benoemd kunnen worden. Tot april 2017 was de
praktijk dat instemming een tweederde meerderheid van de stemmen vereiste. Daardoor waren Democraten en Republikeinen verplicht om samen te werken bij het vinden van een geschikte kandidaat.

In april 2017 echter besloot de Senaat, waar de Republikeinen toen een meerderheid hadden, dat voortaan een eenvoudige meerderheid voldoende was voor instemming. Zo slaagden zij erin de conservatieve Trump-kandidaten Neil Gorsuch en Brett Kanavaugh benoemd te krijgen.

In maart 2016 had toenmalig president Obama de alom gerespecteerde jurist Marrick Garland als kandidaat voor het Hof voorgesteld. Dat was zeven maanden voor de presidentsverkiezingen in dat jaar. De Republikeinse meerderheid in de Senaat weigerde echter zijn kandidatuur zelfs maar te bespreken. Volgens hen was het niet gepast om zulk een belangrijke benoeming te laten doorgaan in het laatste jaar van een presidentschap.

Nu de opvolging van Ruth Ginsburg aan de orde is willen de Republikeinse senatoren van hun oude argument niets meer weten. Zij zullen dus gaan instemmen met een kandidaat die slechts vijf weken voor de presidentsverkiezingen van 3 november wordt voorgedragen. President
Trump zal binnenkort naar alle waarschijnlijkheid de conservatieve en relatief jonge Amy Coney Barrett naar voren schuiven. Door zulk een benoeming krijgt het Hof een structurele conservatieve meerderheid waardoor het nog lang behoudende uitspraken zal kunnen afgeven over
belangrijke maatschappelijke onderwerpen als abortus, gelijkheid van man en vrouw, volksgezondheid en milieu.

Dit alles is zeer verontrustend. Ten eerste wordt de kandidaat voorgedragen door een president die karakterologisch, intellectueel en moreel volledig ongeschikt is voor het presidentschap; zie de vernietigende oordelen uit de eigen Republikeinse partij, van voormalige adviseurs en van voormalig leidende personen in de strijdkrachten en veiligheidsdiensten. Daarnaast mag niet vergeten worden dat in 2016 een minderheid van de stemmende kiezers voor Trump heeft gekozen. En tenslotte vertegenwoordigen de Republikeinse senatoren niet de meerderheid van de Amerikanen. Bovendien tonen opiniepeilingen dat veel Amerikanen wensen dat de op 3 november verkozen president de opvolger van Ruth Ginsburg voordraagt.

Ginsburg had echter zelf deze voor de Democraten en voorstanders van een redelijke rechtspraak zo moeilijke situatie kunnen voorkomen. Waarom moest zij met haar zwakke gezondheid en hoge leeftijd nog zoveel jaren haar zware job blijven voortdoen? Had zij in de laatste jaren van
Obama’s presidentschap de eer aan zichzelf gehouden, dan zou Obama een veel jongere opvolger hebben kunnen benoemen die nog vele jaren “mee had gekund.”

Haar gezondheid was al lang een reden tot zorg. In 1999 onderging ze een zware operatie, chemotherapie en bestraling voor darmkanker. Tien jaar later werd pancreas-kanker ontdekt, waarvoor ze ook geopereerd werd. In 2014 moest een stent worden geplaatst in een dichtgeslibte
ader. In 2018 brak ze enkele ribben door een val, de derde keer sinds 2012. De laatste jaren kwam het nogal eens voor dat ze tijdens zittingen in slaap viel.

Vanaf 2011 werd er publiekelijk beroep gedaan op de toen 78-jarige Ginsburg om met pensioen te gaan, onder meer door Harvard professor Randall Kennedy. Hij voelde aan dat het Ginsburg’s laatste kans was vervangen te worden door een kandidaat die door een Democratische president werd voorgedragen.

Na Obama’s herverkiezing in 2012 volgden meer oproepen. Men voorzag een Republikeinse meerderheid in de Senaat na de verkiezingen van 2014 als gevolg van de bij Republikeinen impopulaire ‘Obamacare’. Het beste dat Ginsburg kon doen was een Democratische president haar opvolger te laten voorstellen “zodat al de dingen waarvoor ze haar leven gestreden had
vooruit konden gaan.” Ginburg’s reageerde met: ”Er komt een President na deze en ik verwacht eigenlijk wel dat dat een goede president zal zijn.” Ze zou blijven werken “zolang ik de job met volle kracht kan doen”.

Het is natuurlijk makkelijk om achteraf kritiek te hebben, maar feit blijft dat de Democraten en alle anderen die een zorgvuldige rechtspraak voorstaan nu ernstig met gebakken peren zitten; en dat dit alles voorkomen had kunnen worden.

De Democraten moeten nu serieuze lering trekken uit het gebeurde. Een optie kan zijn om een maximum leeftijd in te stellen voor rechters. Er is immers geen reden dat iemand in zulk een verantwoordelijke functie tot zijn 80-ste moet kunnen doorwerken.

Belangrijker is echter dat er weer ‘bipartisanship’ (samenwerking) tussen Republikeinen en Democraten komt in de selectie van kandidaten voor het Hooggerechtshof. Benoeming moet niet een kwestie zijn van een eenvoudige, soms zelf, minimale meerderheid in de Senaat. De tweederde meerderheidsregel heeft jarenlang gewerkt, er is geen reden die niet opnieuw in te voeren. Een andere mogelijkheid is het instellen van een deskundigencommissie waarin Democraten en Republikeinen een shortlist maken met kandidaten waaruit een President vervolgens kan kiezen.

Geef een reactie

Laatste reacties (61)