938
16

Hoofdredacteur / Journalist

Erica Meijers (1966) is hoofdredacteur van de Helling en redacteur van de Green European Journal. Studeerde Theologie en Geschiedenis in Amsterdam, Straatsburg en Berlijn en promoveerde op het proefschrift Blanke Broeders Zwarte vreemden, over de houding van de protestantse kerken in Nederland tegenover de apartheid in Zuid-Afrika. Als journalist werkte ze o.a. voor de IKON.

Politieke kunst is relevante kunst

Kunst: blijf niet binnen de grenzen van de culturele sector

‘De doden komen eraan!’ Het Berlijnse Zentrum für Politische Schönheit liet afgelopen weekend de lichamen van in de Middellandse Zee verdronken vluchtelingen naar Duitsland overkomen om ze opnieuw te begraven

Op die manier wilde ze het immigratieprobleem dichtbij halen, in het hart van Europa waar de beslissingen worden genomen Ze besloten de vluchtelingen alsnog te ontvangen, al zijn ze nu dood als gevolg van het Europese beleid. Is dit kunst? Is dit politiek activisme? Het is in elk geval een relevante bijdrage aan de samenleving.

Cultuurdebat
Deze kunstenaars hebben een broertje dood aan de vragen, die doorgaans het cultuurdebat bepaalt, namelijk: hoe steunt de overheid kunst en cultuur en wie krijgt er wel of niet subsidie. De negatieve toon uit de tijd van Halbe Zijlstra lijkt weliswaar gekeerd: de Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid kwam met Cultuur Herwaarderen, minister Bussemaker lanceerde The Art of Impact en onderstreept de ambitie om de internationale toppositie van de Nederlandse sector vast te houden en de Raad voor Cultuur wil o.a. weer ruimte voor talentontwikkeling, aldus haar Agenda Cultuur, 2017 – 2020 en verder.

Maar de politiek kunst zoals die van het Zentrum für Politische Schönheit is allang een stap verder gegaan. Ze blijft niet binnen de grenzen van de culturele sector, maar beschouwt zichzelf als een ‘stormtroep voor morele schoonheid, politieke poëzie en menselijke ruimdenkendheid’. Politieke kunstenaars pleiten voor nuttige kunst. Dat is natuurlijk een provocatie. Deze kunstenaars willen geenszins hun autonomie opgeven, maar ze willen wel impact hebben buiten de wereld van de kunst met zijn omstreden subsidies, zijn prestigieuze musea, zijn internationale podia en zijn peperdure kunstveilingen.

Grensoverschrijdend
Politieke kunst wil de wereld niet alleen verbeelden; zij wil de wereld veranderen. Politieke kunst is daarom de natuurlijke bondgenoot van progressieve politiek, zoals de actie van het Berlijnse centrum laat zien. Deze kunstenaars overschrijden willens en wetens de grens met het politieke. Ze willen geen mooie of schokkende illustratie zijn bij de bestaande orde, maar actief bijdragen aan de herformulering en hervorming van de werkelijkheid. Zij zoeken waarheid, bevragen macht, ontwerpen een nieuwe taal en openen zo nieuwe (politieke) perspectieven.

Dat is niet nieuw natuurlijk. Politieke kunst was er in de moderne tijd al vanaf de vroege romantici die via de kunst de Franse Revolutie wilden invoeren, tot aan de Russische constructivisten en de nationaalsocialistische kunstenaars. Of die laatste overigens in dit rijtje thuis horen is zeer de vraag: politieke kunst onderscheidt zich van propaganda doordat zij vragen blijft stellen en de dubbelzinnigheid van de werkelijkheid blijft honoreren. De marges zijn soms smal en de vraag of dit nog kunst is ligt dichtbij. Maar dat is precies de bedoeling. Want zodra iets ‘kunst’ is, mag er heel veel, maar wordt het ook zelden serieus genomen. Toen Jonas Staal omgevallen ambulances op straat legde, reageerde het publiek geschokt, tot bleek dat het een kunstproject was.

‘Niet alleen kunst voor de elite’

Want er is iets vreemds aan de hand: de bezuinigingen op de kunst werden in 2011 gerechtvaardigd met het argument dat de bevolking geen behoefte zou hebben aan kunst waar ze niets van begrijpt, maar als gevolg daarvan ging de kunst zich nog meer op de elites richten. Die hebben immers geld. In het nieuwe nummer van de Helling, tijdschrift van het wetenschappelijk bureau van GroenLinks, stelt kunstenaar Matthijs de Bruijne dat er hierdoor een dynamiek is ontstaan waarin grote groepen worden buitengesloten van cultuur. Doordat de kunstwereld zich op de internationale markt richt, wordt de plaatselijke bevolking vergeten. De kunst is dan inderdaad niet meer hun kunst, en wordt alsmaar irrelevanter voor onze samenleving.

In plaats van een door rendementsdenken gedreven sector, waar slechts enkele kunstenaars de top bereiken en de rest zich al sappelend in leven moet zien te houden, zouden politici zich moeten interesseren voor deze overal in de wereld opkomende politieke stroming in de kunst. Politieke kunst gaat het niet om de internationale kunsttop, maar juist om degene die doorgaans onderaan bungelen in de wereld, zoals vluchtelingen.

Door vragen te stellen en nieuwe perspectieven te geven op het alledaagse leven, leveren deze kunstenaars een bijdrage, waar de samenleving meer aan heeft dan aan een kunstsector die internationaal aan de top staat, maar in de eigen samenleving betekenisloos is geworden. De kunst moet bevrijd worden uit het keurslijf van de internationale kunstelite, zoals de politiek bevrijd moet worden uit het rendementsdenken. Wanneer kunstenaars die de wereld willen veranderen en politici op zoek naar verbeelding elkaar vinden, ligt de wereld weer open.

Erica Meijers is hoofdredacteur de Helling, uitgave van Bureau de Helling, wetenschappelijk bureau GroenLinks. Het zojuist verschenen zomernummer gaat over politieke kunst

Geef een reactie

Laatste reacties (16)