952
2

Freelance journalist/fotograaf

Peter Edel (1959) is freelance journalist/fotograaf en woont in Istanbul. Zijn artikelen en foto's zijn onder andere verschenen in de Engelstalige Turkse krant TodaysZaman. Ook is Peter Edel schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (Uitgeverij EPO, Antwerpen, 2012).

Premier Erdogan en de militaire barakken op het Taksim-plein

Taksim was gedrenkt in zeldzame harmonie, maar ziet nu weer blauw

Het kon niet uitblijven dat het Taksim-plein in Istanbul schoongeveegd zou worden door de oproerpolitie. Gelukkig kon ik er afgelopen zondag nog een kijkje nemen. Menig Istanbulu maakte van die vrije dag gebruik om solidariteit te betuigen met de activisten die de sloop van het Gezi-park trachten te voorkomen. Daardoor kon je over de hoofden lopen.

Het rood van Turkse vlaggen en socialistische organisaties overheerste. Ook waren er veel vlaggen met het portret van Mustafa Kemal Atatürk, de oprichter van de Turkse Republiek. Deze alleenheerser trad hard op om opstanden in Turkije de kop in te drukken, maar dat doet er voor veel demonstranten niet toe. Voor hen telt vooral dat hij Turkije van religieus fundamentalisme bevrijdde.

Een andere kleur schitterde door afwezigheid: politieblauw. Sinds het excessieve politiegeweld van anderhalve week geleden was er geen diender op het Taksim-plein te bekennen. Heel anders dan normaal gesproken, wanneer het blauw hier van alle kanten op je afkomt. Leidde dat tot wetteloze en onveilige toestanden? Nee, zeker niet. De door premier Erdogan gewekte indruk over plunderende demonstranten is schromelijk overdreven. Op enkele uitzonderingen na zelfs pertinent onwaar. De ontspannen atmosfeer op het Taksim-plein afgelopen zondag wekte de indruk dat hier nooit meer politie meer nodig zou zijn. 

Taksim was gedrenkt in zeldzame harmonie. Tal van actiegroepen vonden elkaar in  afkeer van Erdogans dictatoriale bestuur. Van milieugroepen en organisaties van homoseksuelen tot en met antikapitalistische moslims. Ook de zeer nationalistische Turkse Arbeiderspartij (IP) en de Koerdische Partij voor Vrijheid en Democratie (BDP) waren vertegenwoordigd. Vliegen elkaar elders in de haren, maar hier niet. Hier wist het Taksim-platform een wonderbaarlijke balans te bewaren. Afgelopen zondag was Taksim als een feel good movie.

Voor alles is dit het protest van een jonge generatie. Het protest heeft daar een inspirerend effect op. Ik ken Turkse jongeren die eerder nog geen krant lazen, maar op Taksim met een sneltreinvaart politiek bewust zijn geworden. Ook de supporters van de drie belangrijkste voetbalteams steunen het protest en verenigden zich daartoe tot  “Istanbul United”.

Gezi-park
Langzaam liet ik me door de mensenmassa meevoeren naar het Gezi-park, het epicentrum van de protestgolf die over Turkije vloeit. De werkelijke oorzaak van het protest mag dan dieper liggen, het behoud van dit laatste stukje groen in het centrum van Istanbul is de lont in het kruitvat dat de laatste weken tot ontploffing kwam.

Erdogan is gefixeerd op het wegbulldozeren van het park. Aanvankelijk lag het accent op de komst van het zoveelste winkelcentrum in Istanbul. Hij liet dat plan varen, maar de mooie bomen van het Gezi-park moeten er coûte que coûte voor hem aan geloven. Om plaats te maken voor een postmoderne interpretatie van de lelijke militaire barakken die hier ooit het plein vervuilden.

Vanwaar de obsessie met de herbouw van de barakken? Verleden week ging het gerucht dat Erdogans schoonzoon Berat Albayrak het contract voor dit bouwproject binnen had gesleept. Dat zou iets kunnen verklaren, nepotisme is de AKP niet vreemd. Maar naar nu wordt aangenomen is er in ieder geval nog geen contract getekend.

Het lijkt tegenstrijdig dat Erdogan zich hard maakt voor herbouw van een militair gebouwencomplex. Het huidige politieke establishment in Turkije heeft weinig op met de strijdkrachten. Honderden militairen in Turkse gevangenissen getuigen daarvan.  Militaire objecten en gebieden krijgen ook vaak een nieuwe functie. Een militair terrein in de wijk Kagithane werd bijvoorbeeld teruggetransformeerd tot het park wat het in de negentiende eeuw al was.

Echter, op het Taksim-plein gaat het om een de herbouw van een militair object uit de Ottomaanse periode en dat verandert de zaak. Bovendien speelden de barakken een rol bij een coupe die het Ottomaanse Rijk in zijn religieuze glorie moest doen herleven. Daardoor verbindt “sultan” Erdogan een emotionele betekenis aan de herrijzenis ervan.

Het Ottomaanse Rijk
In juli 1908 riepen jonge militairen en intellectuelen de revolutie uit in het Ottomaanse Rijk. De ‘Jonge Turken’ lieten het sultanaat overeind, maar vestigden wel een grondwet. Sultan Abdülhamit (waar Erdogan zich volgens velen tegenwoordig aan spiegelt) maakte in 1871 een einde aan de vorige grondwet en heerste daarna als een absolute dictator. Na de revolutie van 1908 was er echter geen ontkomen meer aan voor hem. Hij moest niet alleen een grondwet accepteren, maar ook toestaan dat het hervormingsgezinde  Comité van Unie en Vooruitgang (ITC) zijn macht grotendeels overnam.

De seculiere ICT was een nachtmerrie voor religieuze fundamentalisten als Dervis Vahdeti, een sjeik uit de Naksibendi beweging (een soefi-stroming waar Erdogan later contact mee kreeg). Op 13 april 1909 leidde Vahdeti een contrarevolutie, die begon met een militaire opstand in de barakken op het Taksim-plein. Samen met religieuze studenten trokken de soldaten naar de oude stad van Istanbul. Om hun eisen aan de regering voor te leggen, waaronder machtsherstel voor Abdülhamit en het veiligstellen van de sharia, de islamitische wetgeving.

De tot Istanbul beperkte machtsovername duurde niet lang. De fundamentalisten konden nog een pogrom uitvoeren tegen revolutionairen in Istanbul, maar daarna maakten per trein aangevoerde troepen snel een einde aan de Ottomaanse zwanenzang. De rebellen werden vervolgd en Abdülhamit verbannen.

Voetbalwedstijden
Bij het onderdrukken van de contrarevolutie raakten de militaire barakken op het Taksim-plein zwaar beschadigd. Volledig herstel zou nooit volgen. Vanaf 1913 werden op de binnenplaats voetbalwedstrijden gespeeld. Tot 1939, want toen nam het nieuwe Inönü-stadion in de wijk Besiktas deze functie over. De barakken werden in 1940 gesloopt en maakten plaats voor woningen, een weg en het tot op de dag van vandaag bestaande Gezi-park. Dat de barakken verdwenen deed niemand verdriet. En niet alleen omdat het een architectonisch gedrocht was. In Istanbul, dat in de tussenliggende tijd met een noodtempo geseculariseerd was geraakt, bracht het beschadigde complex een fundamentalisme in herinnering waar niemand in de stad destijds naar terugverlangde.

Een volgende radicale opleving van Turks fundamentalisme deed lang op zich wachten. Tot 2002, het jaar waarin de ook nu nog regerende Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP) na de verkiezingen aan de macht kwam. De islamistische AKP onderwierp de seculiere Turken aan de conservatieve dwang die hun fundamentalistische landgenoten maar al te graag accepteerden. Bovendien kreeg Turkije met Erdogan een premier die zijn ambitie om het Ottomaanse Rijk nieuw leven in te blazen niet onder stoelen en banken stak. Zijn plan om de barakken op het Taksim-plein terug te laten keren is maar een van de tekenen in die richting. 

Het verleden reproduceert zich nooit op exacte wijze in het heden. Terwijl de Jonge Turken van toen snel een einde maakte aan de laatste Ottomaanse stuiptrekking, duurde het elf jaar voordat de jonge Turken van nu tegen de neo-Ottomaanse Erdogan in opstand kwamen. Opvallend laat, maar het leidt hoe dan ook tot ongekend enerverende ervaring in Istanbul. Alleen ziet het nu wel weer blauw op het Taksim-plein…

Peter Edel is schrijver van De diepte van de Bosporus, een politieke biografie van Turkije (Uitgeverij EPO, Antwerpen, 2012).
 
Volg Peter Edel ook op Twitter.


Laatste publicatie van PeterEdel

  • De diepte van de Bosporus

    een politieke biografie van Turkije

    2012


Geef een reactie

Laatste reacties (2)