812
7

Gepens. huisarts/ Comité Zorg geen Markt

Anneke de Bres (1947) was bijna 40 jaar huisarts in Oss, in de kleine groepspraktijk Ons Medisch Centrum, destijds opgericht op initiatief van de SP. Sinds 1 mei 2011 is ze met pensioen. Als arts is ze ook actief bij comité Asbest Slachtoffers, 1995 tot heden en is ze vanaf de start actief betrokken bij het comité Zorg geen Markt (http://www.zorggeenmarkt.nl/). Tevens was zij van 1982 tot 2002 gemeenteraadslid voor de SP in Oss, met als aandachtsgebied sociale zaken, voorzieningen gehandicapten.

Rouvoet, schuif de schuld nou niet op de zorgverzekeraars af

Het is de marktwerking in de zorg die tot hogere kosten leidt en die is door de politiek in het leven geroepen

André Rouvoet, voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland, sprak zich onlangs in NRC uit over de ondankbare taak die hij heeft om Nederlanders van goede zorg te voorzien. “Er moet iemand zijn die nee durft te zeggen”, stelt Rouvoet. En de politiek durft dat volgens hem niet. Volgens de voormalig ChristenUnie-leider zijn het de zorgverzekeraars die vervolgens het boetekleed moeten aantrekken. Het comité Zorg Geen Markt vindt dat Rouvoet zelf moet toegeven dat marktwerking in de zorg tot hogere kosten leidt.

Dit is een ingezonden brief: Namens Zorg Geen Markt:
Anneke de Bres (huisarts np), Jan van Dijk(traumachirurg), Marian Fonville, (fysiotherapeut), Saskia van Os, (diëtist), Alan Ralston, (psychiater)

Geachte heer Rouvoet,

In de NRC van 4 April jl. komt u aan het woord over de kosten in de zorg. Als voorzitter van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) zit u daarvoor aan het roer, want de zorgverzekeraars hebben de taak gekregen de kosten te beheersen. Maar als wij het goed begrijpen, dan heeft u daarbij last van “de politiek”, die zijn rug niet recht houdt. Ook patiënten moeten volgens u begrijpen, dat – in uw woorden – niet alles meer kan. Wij willen daarom eens met u van gedachten wisselen.

Wij hebben ook last van de politiek, zij het om een heel andere reden. Dagelijks ondervinden wij in de praktijk last van de keuze, die de politiek in 2006 maakte voor het invoeren van marktwerking in de zorg.
Van meet af aan hebben wij, zorgverleners, in ons Manifest ‘De zorg is geen markt’ gewaarschuwd voor de gevolgen:
Concurrentie staat samenwerking in de weg, terwijl dat juist in de zorg van levensbelang is.
De kosten zouden omlaag gaan, maar wij zien dat niet gebeuren. Het recente rapport van Nyfer schrijft over de oorzaak van de oplopende zorgkosten: hoofdmoot (85%) van de gestegen zorgkosten zijn de declaraties van artsen en ziekenhuizen, die voor hun inkomen afhankelijk zijn van verrichtingen. Marktwerking stuwt de zorgkosten omhoog door volumegroei.

De kwaliteit van zorg staat onder druk. Darmchirurg Johan Lange legt in de NRC van 28 maart uit, dat een vooraanstaand collega van diens ziekenhuis niet op een congres de nieuwste succesvolle technieken mocht komen toelichten aan zijn collega’s, uit concurrentieoverwegingen.

De bureaucratie zal toenemen, voorspelden wij, en dat is dagelijks merkbaar: de wens van zorgverzekeraars om productvergelijkingen te kunnen maken dwingt zorgverleners in een registratiemal, ook waar wetenschappers en professionals aangeven, dat dit wetenschappelijk en ethisch onverantwoord is. Een voorbeeld van  het door zorgverzekeraars verplicht gestelde gebruik van verkeerde kwaliteits-parameters in de psychiatrie en de kwalijke gevolgen daarvan kunt u lezen in het maartnummer van het Tijdschrift voor Psychiatrie.

Aandacht voor de preventie zal afnemen, zeiden wij. Wat denkt u van het schrappen van de vergoeding van hulp bij rookverslaving? En de financiële drempels voor psychiatrische patiënten, die hulp nodig hebben om redelijk te kunnen functioneren in de samenleving?

Tot slot, zeiden wij, zal de solidariteit worden aangetast en daarmee de tweedeling in de zorg worden bevorderd. Wij zien dat ook gebeuren, bijvoorbeeld door het schrappen van diëtist en fysiotherapeut uit de basisvoorziening, waardoor mensen met een lager inkomen, die zich geen uitgebreide aanvullende polissen kunnen veroorloven, uit de zorgboot vallen. Dat is toch zeker niet wat u bedoelt met dat “niet alles meer kan”?

Met deze korte opsomming geven wij aan, wat de last is, die wij dagelijks ondervinden van de politiek. Graag zouden wij van u vernemen, wat ZN hieraan wil doen.

Zorgverzekeraars en zorgverleners delen het doel, om goede en betaalbare hulp te geven.  Wij denken, dat we niet moeten voortgaan op de weg van de concurrentie en marktwerking, maar moeten inzetten op kwaliteit en samenwerking. Dat is iets anders dan de huidige van bovenaf opgelegde kwaliteitseisen, waardoor nu bijvoorbeeld een fysiotherapeut bijna zijn hele vergoeding van een bepaalde verzekeraar kwijt is aan de geëiste kwaliteits-audit (een nadere specificatie kunnen wij u zenden). Een ander voorbeeld is de eis van zorgverzekeraars voor aantoonbare ketenzorg als voorwaarde voor vergoeding voor diëtiste bij mensen met Diabetes, COPD en hartvaatziekten. Omdat dit veelal nog niet is gerealiseerd, loopt 85% van deze chronische patiënten hun vergoeding mis. Wij zouden ons moeten beraden, hoe de ketenzorg is te realiseren, maar niet intussen de mensen de dupe laten worden.

Er zijn nu gesprekken over regionale bekostiging van zorg, op zich geen verkeerde gedachte. Maar, hoe moeten wij dat doen met concurrerende zorgverzekeraars? En concurrerende professionals?

Kortom, meneer Rouvoet, tijd voor een goed gesprek! Wij nodigen u hier graag voor uit.

Het interview met Rouvoet is te lezen in de digitale editie van NRC van 4 april: ‘Wennen aan feit dat niet alles meer kan’

Geef een reactie

Laatste reacties (7)