3.257
86

Econoom

David Hollanders (1978) doceert finance aan de Universiteit van Tilburg

Rutte heeft het fout: de ongelijkheid neemt wél toe

En dat kost groei

Roemer en Klaver agendeerden in de laatste Algemene Beschouwingen de toenemende ongelijkheid. Premier Rutte stelde daarop dat de ongelijkheid niet toeneemt. Daarmee zou Nederland zich onttrekken aan de neoliberale ongelijkheidstsunami die de afgelopen 35 jaar over de globe raast, zoals geboekstaafd door Piketty. Zou het? Dat hangt af van de gehanteerde maatstaf.

Het vermogensaandeel van de rijkste 10% in Nederland is gestegen van 44% in 1977 tot 66% in 2013. Het inkomensaandeel van de meest verdienende 10% is gestegen van 27.5% in 1975 naar 30.9% in 2012. Zo bezien neemt de ongelijkheid van zowel vermogen als inkomen dus (fors) toe.

Nu zijn er ontelbaar wijzen om een verdeling samen te vatten met één ongelijkheidsmaatstaf. Rutte kan beweren wat hij beweert omdat de zogenoemde Gini-coëfficiënt voor Nederland nauwelijks gestegen is. De “Gini” is een ongelijkheidsmaat die de extreme van de inkomensverdeling goeddeels negeert. Het is dus een maatstaf voor ongelijkheid dat ongelijkheid negeert als die extreem wordt.

Piketty stelt er dan ook over dat ”the methodological decision to ignore the top end is hardly neutral” en dat Gini-coëfficiënten “give an artificially rosy picture of inequality”.

Terwijl de vermogens van de rijkste 10% relatief met 50% gestegen is sinds 1977, kan Rutte doen alsof de ongelijkheid niet toeneemt. Het zal toch niet zo zijn dat Rutte deze maatstaf selecteert omdat het hem goed uitkomt? Het kan in elk geval niet gekozen zijn omdat het IMF en de OECD er veel waarde aan hechten. Recentelijk hebben deze instellingen econometrisch onderzoek gedaan naar het effect van ongelijkheid –Piketty’s maatstaf gebruikend- op economische groei. Meer ongelijkheid leidde tot minder groei. Het onderzoek sloot alle OECD-landen, dus ook Nederland, in.

Volgens socialisten is ongelijkheid een kapitalistisch systeemkenmerk. Volgens groenen is ongelijkheid moreel verwerpelijk. Liberalen zullen dat eerste tegen spreken en zich door het tweede weinig aangesproken weten. Het IMF, de WRR en de OECD maken echter aannemelijk dat toenemende ongelijkheid ook leidt tot minder groei. Als Rutte zich enkel al om dat laatste bekommert, dan neemt hij de onderzoeken ter harte –inclusief de gehanteerde maatstaven. Tenzij Rutte in werkelijkheid opkomt voor de belangen van de rijkste 10%. In dat geval is het zeer begrijpelijk dat hij het onderzoek van Piketty, de WRR, de OECD, de IMF, Atkinson en Salverda negeert. Begrijpelijk maar ook verwerpelijk. Van een premier mag men verwachten dat hij ten minste de maatstaf motiveert. Bij ontstentenis daarvan vertelt hij een halve waarheid, tot schade van zowel het publieke debat als economische groei.

Geef een reactie

Laatste reacties (86)