3.356
46

voormalig Kamerlid voor GroenLinks

Bruno Braakhuis was van juni 2010 tot en met september 2012 Tweede Kamerlid voor GroenLinks en was woordvoerder financiën en economische zaken. Daarvoor was hij hoofd maatschappelijk verantwoord ondernemen bij Van Lanschot Bankiers, tussen 2008 en 2010. Hij aanvaardde deze functie vlak voor de kredietcrisis. Voordien werkte hij in marketing & communicatie bij diverse ondernemingen (Hay Group, Compass Group, Nuon, Randstad Holding en Yacht). Braakhuis studeerde industrieel-productontwerpen aan de Haagse Hogeschool en rondde in 2001 een MBA af aan de Kingston University/HBS*AMS

Bruno Braakhuis wordt gedreven door maatschappelijke betrokkenheid, met nadruk op ontwikkeling van ethiek en duurzaamheid. Betrokkenheid in al zijn facetten is niet alleen zijn persoonlijke drijfveer en een karaktereigenschap, maar door zijn carrière heen ook een leidmotief. Zowel als ontwerper, als marketeer, als lid van de Tweede Kamer en nu ook vanuit een consultancy-rol, maakte en maakt hij steeds duidelijk dat in ieders rol en functie het mogelijk is om betrokken te blijven bij mens en samenleving.

Schijt

Zo gaat Nederland ook om met mondkapjes. Die draag je namelijk niet voor jezelf, maar voor de veiligheid van anderen. Dus doen veel Nederlanders het niet

De Telegraaf kopt vandaag ‘Buitenlandse media cynisch en schamper over Nederland’. Die buitenlandse media vragen zich af wat er in Nederland aan de hand is, hoe het kan dat het aantal besmettingen hier twee keer zo hoog is als Duitsland, terwijl het land tien keer groter is. Afgelopen zondag maakte Lubach al de verbazing duidelijk van Duitse journalisten die bij Venlo de grens overstaken en zich in een wereld zonder corona waanden. Samengevat is de mening om Nederland heen dat het leiderschap faalt, maar vooral dat Nederlanders schijt hebben aan de regels. En zo is het. De burgemeester van Amsterdam heeft het over haar ‘tolerante stad’ terwijl ze anarchie bedoelt. Niet voor niets is juist Amsterdam koploper coronabesmettingen. Maar hoe kan het dat we zo verschillen van onze buren?

schijt
cc-foto: Roel Wijnants

Ik ga terug naar de tweede helft van de middeleeuwen en de opkomst van de steden als machtscentra, die uiteindelijk leidde tot een bevestiging van deze macht door de hertog van Bourgondië met het aanstellen van stadhouders, die later ook hoofd werden van gewesten en provinciën. In wezen was er sprake van zwak centraal bestuur op afstand, gedelegeerd naar gewestelijke besturen. In deze bestuurlijke context nam stadhouder Willem van Oranje het voortouw namens de noordelijke gewesten om weerstand te bieden aan het contrareformatorische duwen van Filips II van Spanje, waaronder de Nederlanden destijds – we zijn in de 16e eeuw – ressorteerden. Dit leidde uiteindelijk tot de stichting van de confederatie Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waarvan de afgevaardigden samenkwamen in de Staten-Generaal. Hier ligt de bron van onze egalitaire poldersamenleving. Want een confederatie is een verbond van onafhankelijke staten, die besloten hebben samen een douane-unie en defensieverbond aan te gaan en daartoe een gedeeld gezag aanvaarden. Nederland is groot geworden als deze republiek. Het gepolder en de machtsspreiding hebben van Nederland een succesnummer gemaakt, omdat de handelsgeest alle ruimte kreeg om te floreren. En hoewel we later een (ons opgedrongen) monarchie zijn geworden, is de weerstand tegen centraal gezag gebleven en manifest onderdeel van onze cultuur geworden.

Toen in deze culturele context de ontzuiling en secularisatie plaatsvond in de tweede helft van de vorige eeuw, bood dit een vruchtbare grond voor vergaande individualisering en een sterke afname van sociale cohesie in de decennia erop volgend, hetgeen ook gepaard ging met betere scholing en ontwikkeling. Met de opkomst van massamedia en later sociale media, kregen deze inmiddels zeer individualistische burgers ook de middelen om hun mondigheid te laten gelden. Maar mondige individualistische burgers in een samenleving zonder sterk gezag (Rutte zei letterlijk dat hij niet de baas is van Nederland), inherent gebrekkige handhaving en verlies aan sociale controle – we durven elkaar nauwelijks meer aan te spreken op gedrag – binnen een egalitaire context is de opmaat voor individualisme dat doorslaat naar egocentrisme.

We zien de gevolgen elke dag. In het verkeer buigen velen de regels naar eigen inzicht en vooral naar het eigen belang. Vooral richting aangeven is veelzeggend: het gebeurt nauwelijks meer. Richting aangeven doe je voor de veiligheid op de weg. Je laat anderen weten wat je doet. Daarmee doe je het niet alleen voor jezelf, maar ook voor anderen. Dat velen het niet meer doen – of alleen wanneer het in eigen voordeel is – is veelzeggend. Want zo gaat Nederland ook om met mondkapjes. Die draag je namelijk niet voor jezelf, maar voor de veiligheid van anderen. Dus doen veel Nederlanders het niet. En ze laten het zich al helemaal niet opleggen. Ook hierin was de uitzending van Lubach afgelopen week veelzeggend. Die dame, die zei dat als het moest zou ze het wel doen, maar ze liet zich toch niet ertoe dwingen. Geen moment kwam in haar op dat ze het zou doen voor de algemene veiligheid of om anderen te beschermen.

Het was tekenend: verzet tegen regels en gezag, totaal ontbreken van inzicht in andere belangen dan het eigenbelang. Eeuwen aan egalitarisme en polderen als bodem voor doorgeslagen individualisme naar zelfgerichtheid leveren ons land nu de terechte hoon en kritiek op van de landen om ons heen.

Dat de overheid een communicatiecampagne lanceerde met als thema ‘samen’ is in deze context ronduit lachwekkend. In een samenleving van de ‘ik’ vraagt het ontwikkelen van ‘samen’ een langdurige inspanning, omdat het over een cultuurverandering gaat en cultuur is hardnekkig. En de coronacrisis geeft ons daar niet de tijd voor. Een crisis als deze vraagt om een overheid die zich losmaakt van de Nederlandse cultuur en heel on-Nederlands ons bij de kladden grijpt en zegt ‘Nu is het klaar, je doet wat er gezegd wordt, anders zwaait er wat’. Geen ‘bijna-lockdown’, maar volledige lockdown en wie zich er niet aan houdt is het haasje, ook al is een bruiloft-vierende minister. Niet leuk, maar het is niet anders. Of we blijven de risée, met grote persoonlijke schade voor veel individuele Nederlanders en langdurige reputatieschade voor ons land als geheel. Zeg het maar.

Geef een reactie

Laatste reacties (46)