633
12

Politiek adviseur ICCO

Kosta Skliris (Keulen, 1975) werkt als politiek adviseur bij ontwikkelingsorganisatie ICCO. Hiervoor was hij bestuursadviseur bij de gemeente Den Haag op het gebied van emancipatiezaken. En daarvoor werkte hij onder andere als beleidsmedewerker bij GroenLinks. Skliris studeerde politieke wetenschappen in Leiden.

Steun de vrouwen!

Vrouwen kregen in het Nederlandse ontwikkelingsbeleid van Koenders de aandacht die ze verdienden.

De nieuwe minister van ontwikkelingssamenwerking moet blijvend aandacht houden voor de rol en positie van vrouwen bij economische, maatschappelijke én politieke ontwikkeling. Zonder de kracht, het doorzettingsvermogen en de creativiteit van vrouwen kan er van duurzame en succesvolle ontwikkelingssamenwerking geen sprake zijn.

Niet voor niets had voormalig minister Koenders participatie door vrouwen hoog op de agenda geplaatst van het Nederlandse ontwikkelingsbeleid. Een frisse wind waaide door het ministerie. Het ministerie zette zich onder andere in voor vrouwen en gezondheid, vrouwen en economische ontwikkeling, vrouwen en onderwijs, de rol van vrouwen in vredesopbouw en het bestrijden van geweld tegen vrouwen. Eindelijk was er weer een breed en samenhangend beleid gericht op emancipatie; een beleid dat niet alleen beschermt, maar vooral ook stimuleert. Maar de winst zat hem vooral in het feit dat vrouwen serieus werden genomen als actieve deelnemers van ontwikkeling.

Koenders’ beleid stoelde op ervaringen die ontwikkelingsorganisaties in de praktijk hebben opgedaan. Vrouwen zijn niet alleen belangrijk in huiselijke kring, maar ook de ruggengraat van de samenleving. Steeds meer worden vrouwen actief op een breed maatschappelijk of economisch terrein en stellen onderwerpen aan de orde die voor de hele gemeenschap van belang zijn, zegt de VN. Vrouwen organiseren zich op verschillende niveaus om zo hun krachten te bundelen. Ze zijn betrokken en betrouwbaar, vaak meer dan hun mannelijke landgenoten.

Zo waren het juist vrouwengroepen die de verschillende Zuid-Soedanese rebellen bij elkaar brachten  om  te spreken over vrede.  Zo zijn het de moedige vrouwen van Congo die zich organiseren in de strijd tegen geweld en voor meer veiligheid. In verschillende Aziatische landen hebben vrouwen zich georganiseerd om het drugsmisbruik van hun mannen en zonen aan de kaak te stellen. In de sloppenwijken van Brazilie namen ze het heft in eigen handen genomen om in hun wijken water en electriciteit aan te leggen. In Mali brengen vrouwen met behulp van “nieuwe” communicatietechnologie hun producten beter aan de man of vrouw.

Maar vrouwen zijn ook steeds vaker actief op het politieke vlak. In Bolivia hebbben vrouwen het voortouw genomen en zich georganiseerd in vakbonden die strijden voor betere arbeidsverhoudingen en lonen. Vrouwen uit lokale bewegingen zijn zelfs kandidaat geweest bij presidentiele verkiezingen in Guatemala en Kyrgizië.

Dit laat onverlet dat er nog een lange weg te gaan is. Nog steeds maken vrouwen in de meeste landen geen deel uit van de almachtige politieke en economische elite. En helaas zijn het juist deze elites die  beslissen over oorlog en vrede, wie er straks mag profiteren van economische voortuitgang en wie president mag worden. Vooralsnog stromen vrouwen uit lokale bewegingen nog maar zelden door naar de economische, sociale of politieke top van hun land.

Hier ligt dan ook een taak voor de Nederlandse regering en voor de ontwikkelingsorganisaties in het veld. Enerzijds het ondersteunen van vrouwen en vrouwengroepen op lokaal niveau, zodat vrouwen actief worden en gelijkwaardig deel kunnen nemen. Anderzijds het aanspreken van overheden op hun verantwoordelijkheden.Op dat laatste punt wringt vaak de schoen. Participatie van vrouwen staat voor veel overheden niet bepaald hoog op hun prioriteitenlijst. Of het is politiek niet interessant genoeg, of er zijn conservatieve krachten die hun gewicht in de schaal gooien om deelname van vrouwen te dwarsbomen. Daarnaast missen veel overheden simpelweg de kennis en kunde op het terrein van het stimuleren van participatie van en door vrouwen.

Juist daarom maakt het verschil als het Nederlandse ontwikkelingsbeleid vrouwengroepen en emancipatieprocessen actief steunt. Vervlakt of vervalt de Nederlandse steun voor projecten met en voor vrouwen, zullen tal van nuttige en noodzakelijke projecten stil komen te liggen. De kans om het Nederlandse ontwikkelingsbeleid te herijken  en vanuit het perspectief van mannen én vrouwen op te bouwen blijft onbenut. Achterstanden ten aanzien van de mannen blijven dan gehandhaafd. Dat treft niet alleen de vrouwen, maar de gehele samenleving. Vandaar dat wij zeggen: zet vrouwen ook in toekomstig ontwikkelingsbeleid aan de top. De inzet van Nederland en van Nederlandse organisaties kan namelijk juist het duwtje in de rug zijn dat vrouwen en vrouwengroepen nodig hebben om structurele problemen aan de kaak te stellen en voor blijvende verandering te zorgen.

Kosta Skliris schreef dit artikel samen met zijn collega Chantal Daniels.

Geef een reactie

Laatste reacties (12)