Laatste update 18:05
6.862
75

Sekswerker en lid van PROUD

Hella Dee doet sekswerk en is lid van PROUD, de Nederlandse belangenvereniging voor en door sekswerkers.

Stop de verheerlijking van het Zweedse anti-prostitutiemodel

Er is geen basis voor de aanname dat veel sekswerkers onder dwang ‘worden geprostitueerd’

De Zweedse actrice Sofia Helin deed bij haar komst naar Nederland grote uitspraken over ons prostitutiebeleid. Zo noemde zij de Wallen een ‘mensonterende attractie’, en pleit ze ervoor het Zweedse model waarbij sekswerk illegaal wordt ook in Nederland te implementeren. Sekswerker Hella Dee waarschuwt voor de gevolgen van dit model.

Nederland moet prostitutie criminaliseren, net als Zweden. Je moet je als maatschappij uitspreken tegen de horrors van prostitutie. In Nederland is er wel zeven keer zoveel mensenhandel als in Zweden. Dit alles stelde de Zweedse actrice Sofia Helin afgelopen maandag in Jinek. Ze verwoordt daarmee een omstreden, christelijk-feministisch gedachtengoed dat ook in Nederland in opmars is. Hoe ziet het Zweeds prostitutiebeleid eruit en wat zijn de gevolgen ervan voor sekswerkers?

De witte kuise vrouw in gevaar
Er is geen basis voor de aanname dat veel sekswerkers onder dwang ‘worden geprostitueerd’. Valse statistieken en misleidende definities rond mensenhandel figureren echter hardnekkig in het publiek debat, ondanks herhaaldelijke weerleggingen. Zie bijvoorbeeld dit stuk van Asha ten Broeke, factchecks in de Washington Post en dit artikel in The Guardian.

Een tijdschrift tegen mensenhandel besteedde een speciale uitgave aan de “wilde claims en ongegronde aannames” rond mensenhandel en de schadelijke gevolgen van zulke guesstimates. In Nederland zien we die bijvoorbeeld terug bij de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, die inmiddels bloedserieus publiceert over “schattingen van mogelijke slachtoffers”.

Door dergelijke misinformatie richten overheden zich overmatig op prostituees, en blijven daadwerkelijke slachtoffers van arbeidsuitbuiting, mensenhandel en geweld buiten beeld. Twaalf Europese anti-mensenhandel organisaties, waaronder het Nederlandse Comensha, zeggen hierover: “Door sekswerk gelijk te stellen aan mensenhandel, wordt een complex fenomeen gereduceerd tot een moreel issue. (…) Dit leidt tot inadequate maatregelen tegen mensenhandel en contraproductief prostitutiebeleid.”

Het Europese netwerk voor sekswerkers met een migrantenachtergrond TAMPEP observeert dat mensenhandel retoriek in de 21e eeuw is overgenomen door anti-prostitutiegroepen en tegenstanders van migratie. Dat is niet toevallig. De mediahype rond mensenhandel of ‘moderne slavernij’ wordt door onderzoekers als GallagherDoezema, en Lammasniemi geduid als een opleving van het 19e eeuwse discours rond ‘witte slavernij’, een (ongefundeerde) maatschappelijke angst voor het verhandelen van kuise, jonge witte vrouwen als prostituees.

Wat wel werkt: gelijke rechten voor sekswerkers
Er zijn wereldwijd honderden sekswerkinitiatieven waarbij collega’s elkaar steun bieden. Zo slagen ze erin mensenhandel te voorkomen en beëindigen. Tegelijkertijd eisen de sekswerkers structurele verbeteringen in beleid: gelijke behandeling voor de wet en volledige decriminalisering van hun beroep.

Er is inmiddels brede steun voor de decriminalisering van sekswerk vanuit organisaties als de VN, de Global Alliance Against Trafficking in Women en Amnesty International. Human Rights Watch merkt op: “In Nieuw Zeeland, waar sekswerk is gedecriminaliseerd in 2003, is sindsdien niet één geval van mensenhandel vastgesteld onder sekswerkers, ondanks meerdere onderzoeken.”

De meeste beleidsmakers wijzen decriminalisering vooralsnog af. Ook in Nederland wordt tot nu toe vastgehouden aan het frame van moderne slavernij. Er is overweldigend bewijs dat gelijke rechten een onmisbare en noodzakelijke zijn tegen mensenhandel en ander geweld. Toch hebben sekswerkers in Nederland geen toegang tot dezelfde arbeidswetgeving als andere werknemers en zpp’ers. Veel sekswerkers worden zelf direct of indirect gecriminaliseerd, waardoor politiebescherming wegvalt. Sekswerkers geven aan dat zij juist daardoor kwetsbaarder zijn voor arbeidsuitbuiting en geweld.

Het ellendige Zweedse model
In Helins Zweden erkent men sekswerk sinds 1999 niet meer als werk. Het Zweedse prostitutiebeleid criminaliseert de klanten, woningverhuurders, zakelijke relaties en families van sekswerkers. Prostitutie is immers per definitie geweld, zo wordt geredeneerd, dus de sociale omgeving van een prostituee bestaat uit geweldplegers.

Dit beleid, ook bekend als het Nordic Model, is inmiddels overgenomen in Ierland, Frankrijk, Noorwegen, IJsland en Canada. Het doel van deze wetgeving is de klanten van prostituees af te schrikken, waardoor het ‘aanbod’ van prostituees zou verminderen. Dit is vooralsnog niet gebeurd, concluderen onder andere het Britse parlement en de internationale anti-mensenhandelorganisatie GAATW.

Wel leidt het Zweedse model tot meer geweld en uitbuiting van prostituees. Klantcriminalisering leidt tot onveiligere werkomstandigheden en grotere afhankelijkheid van de sekswerkers van derde partijen. Geweld tegen sekswerkers is toegenomen in Zweden, maar ze zijn tegenwoordig minder geneigd om mensenhandel en misbruik te rapporteren bij de politie. In Ierland zijn geweldsincidenten met 61% toegenomen. Medecins du Monde rapporteert een verdubbeling van geweld in Frankrijk door de wetgeving, en roept op tot volledige decriminalisatie.

Amnesty International benadrukt dat politiebescherming wegvalt onder het Nordic Model. Een sekswerker vertelt: “Je belt de politie alleen wanneer je denkt dat je doodgaat. Want als je de politie belt, verlies je alles.” Die angst is legitiem. In 2014 werden negen sekswerkers met een migrantenachtergrond in Oslo in hun eigen huis aangevallen. Nadat zij aangifte deden van verkrachting, werden zij per direct uit huis gezet. Sekswerkers worden ook opgespoord en uit huis gezet via politiecampagnes als ‘Operation Homeless’.

Daarnaast wordt sekswerk gebruikt als reden om migranten te deporteren. Onderzoekers beschrijven hoe een sekswerker wordt gedeporteerd omdat zij zichzelf op ;oneerlijke wijze’ onderhoudt: ze is immers betrokken bij een misdaad. Aangiftes van migranten worden zo verder ontmoedigd. Een Zweedse agent stelt: “Een Russische vrouw zal geen aangifte doen van geweld. Dan riskeert ze dat ze geen visa meer krijgt, omdat we nu weten dat ze prostituee is.”

Vrienden, collega’s en familie worden ook doelwit van politie. Wanneer twee collega’s een werkplek delen, wordt dit gezien als ‘wederzijds pooieren’. Huisgenoten en partners van een sekswerker lopen risico op vervolging als medeplichtige wanneer ze huur betalen. Wanneer een ouder als als prostituee werkt, is dat op zich al aanleiding om jeugdzorg in te schakelen. Een briefing paper van een Australische sekswerkorganisatie meldt dat in minstens één geval de zoon van een sekswerker werd aangeklaagd als pooier, aangezien omdat hij zijn moeder geen huur betaalde: hij ‘profiteerde’ dus van haar werk.

Deze negatieve effecten zijn opzettelijk. In een Zweeds overheidsrapport wordt geconcludeerd: “De negatieve effecten van de wet voor uitgebuite mensen in prostitutie moeten worden gezien als positief, vanuit het perspectief dat de wet dus inderdaad strijdt tegen prostitutie.” Het hoofd van het Zweedse mensenhandelteam sluit zich daarbij aan: “Natuurlijk heeft de wet negatieve gevolgen voor prostituees. Dat is ook de bedoeling. Het moet niet meer zo makkelijk zijn om seks te verkopen.

Mensenrechtenorganisaties verzetten zich fel tegen het Nordic Model. CEDAW – de Vrouwenrechtencommissie van de VN – beveelt Noorwegen aan hun schadelijke beleid te veranderen. Human Rights Watch verzette zich tevergeefs tegen het wetsvoorstel in Canada. Toen antiprostitutie-activist Mary Honeyball het Zweedse model propageerde in het Europees Parlement, namen 560 Europese organisaties in een brief stelling tegen haar feitenvrije rapport. Anti-mensenhandelorganisaties riepen op haar standpunt te verwerpen.

Laat ons je redden!
Het Nordic Model is een uiting van morele afkeuring van prostitutie. Zoals Helin bij Jinek zei: “Het is een signaal over wat we als maatschappij goed vinden.” Het maakt niet uit dat wetgeving meer geweld en uitbuiting veroorzaakt: prostitutie is volgens die opvatting immers per definitie geweld en uitbuiting. Prostituees zijn in dit denken ‘geprostitueerde vrouwen’ wier ‘lichaam wordt verkocht’. Dit perspectief, waarin vrouwen uitsluitend als slachtoffer verschijnen, overlapt sterk met de conservatief-christelijke kijk op prostitutie. Dit heeft een historische verklaring. Het ‘witte slavernij discours’ ontstond immers al binnen de eerste golf christelijke, middenklassefeministen in Europa.

Nederland is allang geen koploper meer als veilig land voor sekswerkers. Politici tonen geen enkele interesse in gelijke rechten voor sekswerkers, zoals ingevoerd in Nieuw-Zeeland en het Australische New South Wales. Wel experimenteren beleidsmakers nu al enige jaren met maatregelen in de stijl van het Zweedse model. Onwettige huisuitzettingen, politieinvallen in privéwoningen, de sluiting van legale werkplekken, deportaties en onterechte beschuldigingen van ‘pooieren’ en mensenhandel beginnen schering en inslag te worden voor prostituees in Nederland.

De Zweedse sekswerker en activist Pye Jakobsson omschrijft deze aanpak als volgt: “We willen je redden! We willen je redden! En als je dat niet kan waarderen, word je gestraft.”

Dit artikel verscheen eerder op OneWorld

Geef een reactie

Laatste reacties (75)