1.629
39

eindredacteur Joop

Francisco van Jole is journalist en eindredacteur van Joop.
Verder is hij politiek commentator bij De Nieuws BV en presentator van Draad, een politieke talkshow in Arminius te Rotterdam.

Strijd zonder ideeën

De verkiezingsstrijd is spannend maar niet prikkelend

De campagne verloopt tamelijk beschaafd: Geen gescheld, geen dirty tricks, debatten over wezenlijke problemen als zorg, euro en werkgelegenheid. Kortom precies waar zovelen tien jaar lang naar snakten. En er valt echt wat te kiezen. Maar toch voelt het nog niet goed. Veel mensen weten nog niet wat ze gaan stemmen en overal klinkt wat verkiezingsmoeheid. Waar is de passie, waar is het vuur? Wie prikkelt je om zelf na te denken over ingewikkelde kwesties?


Waar het aan ontbreekt is ideeën. De kandidaten presenteren zichzelf bij de debatten in 45 seconden, net voldoende om een auto of een pakje margarine te verkopen, zoals tv-kijkers dat gewend zijn. Maar die tijd is niet voldoende om een visie te geven op complexe situaties.

In de debatten zelf is het al niet anders. De discussies gaan over maatregelen, over voorstellen. maar niet over het grote geheel. Bij de gezondheidszorg gaat het over het PGB of de rollator, bij Europa over de ECB of het derde hulppakket. Ik moet eerlijk bekennen dat het me vaak moeite kost m’n aandacht er bij te houden. Ik ben wel een kiezer maar geen boekhouder of ambtenaar.

Een miljoen rollators
De enige keer dat het in de zorg ging over een idee was bij de discussie over medische hulp aan ouderen. Het is een wezenlijke discussie over een probleem dat alleen maar groeit. Wilders stelt zich op het standpunt dat automatisch elke medische ingreep uitgevoerd moet worden, ongeacht de leeftijd: een kunstheup voor een 105-jarige? Doen! Samsom zegt dat de politiek hier eens een discussie over moet voeren omdat het probleem nu wordt weggemoffeld. Maar ook hij gaat het grote idee uit de weg. Dat reikt verder dan die kunstheup. Er kan steeds meer. Moeten we dat ook doen? Is het gek om daar tijdens een verkiezingscampagne over te praten? Nee natuurlijk niet. Alleen wil niemand het.

Twintig jaar geleden schreef ik voor weekblad De Tijd een artikel over ‘De prijs van een mensenleven’. Toen speelde de discussie al in vergaderkamers van de medici. Een kostbare longtransplantatie, bij wie voer je die uit? Bij iemand die rookt?

In de samenleving speelt de discussie nu ook. Op het Tweede Scherm bijvoorbeeld vond een meerderheid dat mensen die ongezond leven meer moeten betalen. Wat willen we wel als maatschappij, wat niet en waarom? Dat zijn essentiële kwesties. Maar het debat struikelt over een rollator. Waarvan er overigens meer dan een miljoen van zijn. Volgens minister van Defensie Hillen hebben we zelfs een leger nodig om ze te verdedigen.

Nog erger is het bij Europa. Het gaat steeds over maatregelen die de komende maanden wel of niet doorgevoerd moeten worden, niet over wat we nou eigenlijk willen. En of we wat te willen hebben. Ik ben geen econoom, ik probeer de discussies over obligaties en rentestanden te volgen maar echt begrijpen doe ik het niet. Ook al omdat niemand die discussie naar een groter plan trekt. Mark Rutte zegt zelfs een hekel te hebben aan dergelijke discussies.

Een Europees leger, denk daar eens over na
Dat gebeurde wel vorige week zaterdag op een conferentie van GroenLinks in de Beurs van Berlage. De partij had drie Europese denkers uitgenodigd om te praten over de crises: de financiële crisis, de energiecrisis en de Europese crisis. Het was een van de beste bijeenkomsten die ik in tijden heb meegemaakt. De drie presentaties hadden alle drie een hoog TED-niveau, de beroemde conferenties die tot denken prikkelen.

Een van de sprekers was Daniel Cohn-Bendit, de befaamde leider van de Groenen in het Europees parlement die ooit als student de aanzet gaf tot de anti-autoritaire revolte van mei ’68 in Parijs.

Hij sprak over Europa en stelde dat het een illusie is dat de natiestaat kan overleven. En dat het zelfs stom is om dat toch te proberen. Dat klinkt boud maar hij illustreerde het treffend: met het leger. Europa telt 2 miljoen soldaten, vier keer zoveel als de Verenigde Staten. En het Amerikaanse leger is tien keer zo efficiënt.

Wat heeft een Europese natie nog aan een eigen leger, vroeg Cohn-Bendit retorisch. Tegen wie ga je oorlog voeren of je verdedigen? Dat lukt je nooit in je eentje. Dus heb je een Europees leger nodig.

Zo’n gedachte is interessant omdat je meteen tegen alle problemen oploopt van Europese samenwerking. En de discussie is voor iedereen te volgen en te begrijpen. Komt er een centraal commando? Wie beslist waar Nederlandse militairen heen gestuurd worden? Kan het parlement dat tegenhouden? Welke taal spreken de militairen? Stuk voor stuk lastige vragen maar als je ze niet beantwoordt blijf je geld over de balk smijten aan je leger dat in z’n eentje tegen geen vijand is opgewassen. Defensie is ons eigen geheime Griekenland.

Wat geldt voor het leger, geldt ook voor de economie. Cohn-Bendit hield zijn gehoor voor dat over 20 jaar geen enkel Europees land nog deel uitmaakt van de G8, de groep van grote industrielanden. Voeg Europa daarentegen samen en je hebt in een keer de grootste economische macht ter wereld. Willen we straks uitvoeren wat China, de VS en India samen bekokstoven of willen we dat meebepalen?

Zijn speech bleef nog dagen in mijn hoofd spelen. Wat zou ik hier graag debatten over horen. Maar helaas, het zit er niet in.

Eerder: Wilders en de klimaatverandering

Meer actuele opinies over politiek vind je hier

Correctie: Er stond eerst dat het Europese leger tien keer zoveel geld kost. Dat klopt niet. Cohn-Bendit zegt (op 12:00) dat het Amerikaanse leger tien keer zo efficiënt werkt. 

Geef een reactie

Laatste reacties (39)