1.810
5

Directeur Stichting Vluchteling

Tineke Ceelen is sinds 2003 directeur van de Stichting Vluchteling. Ze werd opgeleid als cultureel antropoloog en heeft voor verschillende hulporganisaties gewerkt, zowel in de noodhulp, als in de ontwikkelingssamenwerking. Van 1993 tot 1997 was ze hoofd van de afdeling uitzendingen van Memisa. Daarna werkte ze tot in 2000 als programma coördinator voor het Rode Kruis in Tibet en van 2000 tot 2002 voor SNV in Kameroen. In 2009 schreef ze het boek ‘Hier en daar een crisis’ over haar ervaringen.

Subsidie aan te vragen in blote billen

‘Een paar honderd bladzijdes’, bezweert mijn secretaresse die op het punt staat om naar de copyrette te lopen om onze subsidieaanvraag te laten vermenigvuldigen.

Maandenlang beheersen de kaders van Koenders nu onze organisatie, en ook onze sector, ontwikkelingssamenwerking. De Volkskrant schreef het al onlangs: Een duizelingwekkende bureaucratie zal het gevolg zijn van het nieuwe subsidiestelsel, mfs-2. En daarover zijn we het roerend met de krant eens.

Tineke Ceelen met het papier voor één aanvraag

Minister Koenders heeft de komende jaren, onder meer als gevolg van de economische crisis, vele miljoenen minder te besteden dan de afgelopen jaren het geval was. Daarenboven wil Koenders de versnippering in de sector tegengaan. Daar is op zich niks op tegen. In plaats van 73 organisaties in een vorige subsidieronde, financiert Koenders in de toekomst nog maar 30 organisaties, of coalities daarvan. Om de bonuspunten die op samenwerking staan niet mis te lopen zijn in de ontwikkelingssector tal van gelegenheidshuwelijken ontstaan. Je kunt je best iets voorstellen bij een vrijage tussen, bijvoorbeeld, de talloze kleinere kinderhulporganisaties, maar dat, ik noem geen namen, de internationale koepels van enorme, wereldwijd opererende ontwikkelingsorganisaties zich zullen gaan voegen naar de kaders van Koenders: dat gelooft u toch zeker zelf niet? Niet alleen dienen de hoofdkantoren in New York, Geneve en London bereidwillig hun werkwijze en rapportagestramien in een samenwerkingskorset te persen, hetzelfde wordt van de veldkantoren verwacht. Leer mij de hulporganisaties kennen. Na een krappe twintig jaar als hulpverlener gewerkt te hebben voor onder meer Memisa (het huidige Cordaid), het Rode Kruis, SNV en Stichting Vluchteling, en vanuit die functies in de keuken gekeken hebbende van tal van hulporganisaties, verzeker ik u dat elke organisatie van zichzelf overtuigd is bij verre de beste te zijn.

De eerste samenwerkingsrelaties zijn dan ook al gesneuveld en gegarandeerd, daar durf ik een leuk flesje wijn op in te zetten, dat we de komende jaren nog geconfronteerd gaan worden met bloedige ruzies tussen de huwelijkspartners die hun voorgenomen verbintenis komende week aan Koenders ter bezegeling voor zullen leggen.

De kosten van deze anti versnipperingsslag zijn enorm. De sector werkt zich een slag in de rondte om de aanvragen op tijd af te krijgen en de stapels monsterlijke vragenlijsten van Koenders te beantwoorden. Consultants, juristen en accountantsbureaus wrijven zich in de handen bij de gedachte aan de rekeningen die ze binnenkort onze sector in kunnen gaan sturen. De komende jaren, in ieder geval tot 2015, de duur van de mfs-2 subsidieperiode, zal de bureaucratie hoogtij blijven vieren, al was het alleen maar om de gedwongen samenwerkingsverbanden te kunnen blijven controleren.

Ambtenaren, directeuren en medewerkers van hulporganisaties verdienen geen cent minder door deze nieuwe subsidiesystematiek. Consultants, juristen en accountants spinnen er juist garen bij. Het kind van de rekening? De slachtoffers van armoede, oorlog en geweld. Ik waag zeer te betwijfelen dat deze hele subsidie-exercitie iets positiefs oplevert voor de hulpverlening.

De vorige subsidieronde, mfs-1 onder Minister van Ardenne, oogstte scherpe kritiek vanuit de sector. Nu is de opvolger van dit stelsel, mfs-2, onderwerp van verhitte commentaren door de ontwikkelingsexperts. En toch buigen we eensgezind voor de kaders van Koenders.

Als binnen mfs-3 van alle hulporganisaties gevraagd wordt de aanvraag in hun blote billen in te dienen, wat dan?

Ik zal u het antwoord geven: dan krijgen we een leuk plaatje voor de Joop homepage bij de draaideuren van het Ministerie van Buitenlandse Zaken.

Geef een reactie

Laatste reacties (5)