1.015
39

directeur investeringsfonds E3

Michel Hendriks is na een korte periode bij ING Bank in 1995 voor zichzelf begonnen. Sindsdien heeft hij o.a. 7 investeringsfondsen opgezet en gemanaged. Alle fondsen hadden naast een financiële doelstelling ook een maatschappelijke doelstelling. Op dit moment is Michel vooral actief als beheerder van duurzame energiefondsen in Friesland en Amsterdam.

Subsidiebeleid duurzame energie onderschat behoefte aan ondernemerschap

We hebben de creativiteit van tienduizenden kleinere ondernemers hard nodig

Het kabinet trekt fors meer geld uit voor duurzame energie. Dat is mooi, maar de manier waarop de pot verdeeld wordt, moet grondig op de schop. Nu gaat de subsidie bijna uitsluitend naar windenergie en dat gaat ten koste van innovatie en ondernemerschap in de andere branches.

Afgelopen donderdag maakte minister Kamp in de Kamer bekend dat hij “fors hogere bedragen” in de SDE+, de subsidiepot voor duurzame energieproductie, zal stoppen om in 2020 14% van alle energie duurzaam op te wekken.

Dat op zich is goed nieuws. Het probleem is alleen, dat volgens het huidige systeem waarmee de subsidies verdeeld worden, nieuwe wind-op-land-projecten een groot deel van het beschikbare subsidiegeld zullen opslokken. Zonneprojecten bijvoorbeeld, vorig jaar nog goed voor ruim 3500 aanvragen en 35% van het toegekende SDE budget, zullen naar verwachting de komende jaren achter het net vissen. In juni was de SDE-2015 pot van 3,5 miljard al leeg: de buit was grotendeels verdeeld over een handvol grote wind-op-land en warmte projecten.

Wind is natuurlijk hard nodig voor een succesvolle duurzame transitie, maar in zijn eentje kan deze energievorm de kar niet trekken. Ook andere vormen van duurzame energie moeten zich verder ontwikkelen. De afgelopen jaren hebben honderden energiecoöperaties en MKB-bedrijven volop geëxperimenteerd met nieuwe technologieën en businessmodellen in vaak kleinschalige energieprojecten. Die fase was mogelijk dankzij subsidies, en noodzakelijk om een volwassen bedrijfstak te worden, die klaar is voor verdere versnelling. Die ontwikkeling dreigt nu volledig tot stilstand te komen. Wij denken dat dit een scenario is dat niemand echt wil. Wat kunnen we doen om te voorkomen dat het toch die kant op gaat?

Een goede eerste stap zou zijn om binnen de SDE+ regeling elke vorm van duurzame technologie een eigen budget te geven. Het kabinet besloot al eerder om wind-op-zee projecten in een aparte subsidieregeling onder te brengen en een eigen – extra – budget te geven. Waarom deze lijn niet doortrekken voor goedkopere technologieën voor de belastingbetaler als zonne-energie en kleinschalige biomassa?

Met een dergelijke intelligente ‘verschotting’ kunnen de doelen van het Energieakkoord gerealiseerd worden ,terwijl er tegelijkertijd stevige fundamenten gelegd worden onder de verschillende duurzame industrieën.

Wij begrijpen dat het voor politici lastig is om langer dan vijf jaar vooruit te denken. In het meest optimistische scenario duurt het echter nog wel dertig jaar voordat we van fossiele brandstoffen bevrijd zijn. Een dergelijk grote operatie lukt niet alleen top-down met een paar grote windontwikkelaars. We hebben de creativiteit van tienduizenden kleinere ondernemers hard nodig. Met een aanpassing in het duurzame energie subsidiebeleid kan de Nederlandse staat dan nog eens een schouderklopje in plaats van een rechtszaak verwachten.

Michel Hendriks schreef dit stuk samen met Roebyem Anders, VP zonnepanelenleverancier Sungevity

CC Foto: Maarten Breet 

Geef een reactie

Laatste reacties (39)