1.862
79

Emeritus hoogleraar politieke theorie, oud-politicus voor GroenLinks

Traditionele media beïnvloeden mening over EU nauwelijks

Bij mensen die de EU en hun eigen regering wantrouwen leidt positieve berichtgeving over de EU niet tot minder wantrouwen.

Het lijkt nogal voor de hand te liggen: als nieuwsmedia op een positieve manier berichten over de Europese Unie krijgen mensen meer vertrouwen in de EU. En omgekeerd: als er negatiever bericht wordt over de Europese Unie dan daalt het vertrouwen in de EU. Toch is dat niet altijd het geval, en vooral: het is maar in zeer beperkte mate het geval.

Laten we beginnen bij de positieve berichtgeving: die leidt alleen tot meer vertrouwen in de Europese Unie bij lezers die vertrouwen hebben in de politiek, dat wil zeggen: bij mensen die enig vertrouwen hebben in de eigen regering en in de EU. Er blijkt bovendien een samenhang te bestaan tussen die twee.  Bij mensen die de EU en hun eigen regering wantrouwen leidt positieve berichtgeving over de EU niet tot minder wantrouwen. Kennelijk is hun wantrouwen niet, of maar in zeer beperkte mate, gebaseerd op krantenberichten over de EU. Het moet dus gebaseerd zijn op andere informatie.

Anna Brosius verschaft ons in haar proefschrift Informing Europe. How News Media Shape Political Trust in the European Union enig inzicht in het hoe en waarom: zij laat zien dat er een positieve relatie is tussen vertrouwen in de regering en vertrouwen in de Europese Unie. En omgekeerd: mensen die de EU wantrouwen, wantrouwen vaak ook hun eigen regering. Nu kan men zeggen: dat is nogal wiedes: die eigen regering laat zich ringeloren door de Europese Commissie. Zij lopen aan de leiband van de Europese Unie. Geen wonder dat de kiezers die met Baudet of Wilders sympathiseren hun pro-EU regering wantrouwen. Ze zouden de Nederlandse regering wél vertrouwen als deze een waarlijk patriottische, anti-Europese koers zou varen.

Het is de vraag of dat zo is.  Eerder onderzoek heeft aangetoond dat Franse kiezers die stemden op Le Pen de leiders van andere partijen niet vertrouwen, maar ook  weinig vertrouwen hadden in Le Pen zelf. Het zijn proteststemmers, behept met een wantrouwen tegen de politiek in het algemeen. Vaak stemmen kiezers die de politiek wantrouwen helemaal niet, maar als zij stemmen doen ze dat op een kandidaat die gehaat wordt door de politieke elite. Negatieve berichtgeving over zo’n kandidaat kan zijn aantrekkingskracht van die kandidaat juist groter maken bij proteststemmers: zij stemmen met hun laars. Baudet en Wilders spelen graag het slachtoffer van de gevestigde orde. Er zijn kiezers die zich daarin herkennen.

Maar pas op: onderzoek heeft ook laten zien dat veel kiezers op een anti-immigrantenpartij stemmen omdat zijn tegen immigratie of immigranten zijn. De meeste kiezers stemmen op inhoudelijke gronden.

Het meest opvallend in het onderzoek van Anna Brosius is iets waar zij zelf niet veel aandacht aan besteedt: uit haar onderzoek blijkt dat berichtgeving over Europa – of het nu positief of negatief is – eigenlijk überhaupt niet zo veel invloed heeft op de houding van mensen inzake de Europese Unie. Kennelijk wordt die houding dus niet door de media bepaald, althans niet in sterke mate.

Hoe zou dat komen? Er zijn een aantal mogelijke verklaringen. De eerste is dat een deel van de opinievorming is overgenomen door sociale media en actualiteitenwebsites die op internet politiek wantrouwen versterken. Wie in de afgelopen tien jaar GeenStijl gevolgd heeft, de Dagelijkse Standaard of The Post Online, weet dat daar meningen over de EU verkondigd worden die in de media die Brosius onderzocht heeft niet of nauwelijks doordringen. GeenStijl speelde een belangrijke rol bij het referendum over het handelsverdrag met Oekraïne. Het speelde indirect ook een grote rol bij het ontstaan en het succes van Forum voor Democratie.

Er lijkt een grote groep Nederlanders te zijn die hun politieke voorkeuren maar in zeer beperkte mate door de kranten en door de berichtgeving op TV laten bepalen.

Daarnaast ligt het voor de hand te veronderstellen dat de houding ten opzichte van immigratie en immigranten een veel grotere rol speelt bij de aantrekkingskracht van politieke partijen die zich tegen de EU keren. Want dat zijn toch vooral de PVV en Forum voor Democratie. Die partijen zijn er in geslaagd die twee strijdpunten aan elkaar te koppelen: zij beweren dat we het grote aantal vluchtelingen vooral aan de Europese Unie te danken hebben. En zo zou het standpunt ten aanzien van de EU misschien wel voortkomen uit – of sterk samenhangen met – de houding ten aanzien van immigranten.

Het zou voor media-onderzoekers fijn zijn als er ook politieke partijen zouden zijn die niet anti-immigrant zijn, maar wel anti-Europa. Maar die zijn er niet. Weliswaar is de SP een beetje tegen Europa, maar daar geeft zij niet veel ruchtbaarheid aan. Datzelfde geldt voor de Partij voor de Dieren en de ChristenUnie.

Op hun beurt zouden media-onderzoekers zich moeten realiseren dat kranten allang niet meer het monopolie hebben op het verspreiden van informatie over Europa.

Anna Brosius, Informing Europe. How News Media Shape Political Trust in the European Union. Academisch Proefschrift. Universiteit van Amsterdam, 2020.

Geef een reactie

Laatste reacties (79)