1.851
23

Vakbondsbestuurder FNV

Roel Berghuis (1957) is van 1975 tot 1992 werkzaam geweest als Smelter bij Hoogovens te IJmuiden. In die periode was hij actief vakbondskaderlid in de toenmalige Industriebond FNV. Vanaf 1992 tot heden is hij werkzaam bij de FNV in verschillende bezoldigde functies. Vanaf 2000 is hij vakbondsbestuurder voor FNV en vanaf 2005 tot 2014 vertegenwoordigde hij de leden van FNV Spoor als vakbondsbestuurder/onderhandelaar bij de Nederlandse Spoorwegen. Momenteel is hij vakbondsbestuurder FNV Tata Steel

Vakbondswerk begint in de bedrijven, niet op halflege pleintjes

Zijn de onmisbare beroepen van de SP ook de onmisbare beroepen voor de FNV? Wij denken van niet.

Door: Jan Berghuis en Roel Berghuis

cc-foto: Alf van Beem

De FNV gaat zich inzetten voor “onmisbare cruciale beroepen”. Het gaat over meer zichtbaarheid, waardering en een goed loon. Het gaat over mensen in de zorg, kinderopvang, onderwijs, openbaar vervoer, schoonmaak, afval, supermarkt, distributie en pakketbezorging. En over alle andere cruciale beroepen. Zij hebben zelfs een standbeeld van de FNV gekregen.

De FNV lijkt de definitie van “onmisbare beroepen” overgenomen te hebben van de Socialistische Partij. Maar zijn de onmisbare beroepen van de SP ook de onmisbare beroepen voor de FNV? Wij denken van niet. Maar nog pregnanter: is de campagnestrategie gericht op politiek Den Haag van de FNV een succesvolle strategie? Nee, dat is een nederlagenstrategie. Deze strategie van de FNV lijkt heel erg op de werkwijze van de SP: vooral aanklagen en niet uitgaan van resultaten en gericht zijn op (duurzame) oplossingen.

Wie is onmisbaar?
De vraag is gerechtvaardigd of het voor de FNV verstandig is om zich zo scherp in te zetten voor deze groepen en andere groepen maar even te laten. De reactie van deze laatsten laat zich dan niet moeilijk voorspellen: ‘Zijn wij dan niet cruciaal? Doen we er niet toe?’ Wij zijn benieuwd hoe de tekst en uitleg van de bond klinkt op deze vragen van vrachtwagenchauffeurs, havenarbeiders, bouwvakkers, metaalarbeiders en anderen in – volgens FNV begrippen – kennelijke niet – of minder cruciale beroepen. Wij denken dat iedereen binnen een functie er toe doet en tot op bepaalde hoogte onmisbaar is. Al deze mensen dienen zich door de vakbeweging vertegenwoordigd te voelen. Want als je de ene groep centraal stelt dan zet je de andere groep NIET centraal. En we werpen direct maar even de vraag op of “onmisbaren” wel gezien willen worden als “onmisbaren”? Door deze campagne dreigt dat de FNV gezien gaat worden als een club die alleen voor bepaalde groepen (“de onmisbaren”) opkomt. Terwijl de kracht van de vakbeweging juist ligt in sectoren waarin veel vaklieden werken die niet in het rijtje van de onmisbaren worden genoemd.

Campagnebond?
In de FNV-strategie gaat men er vanuit dat de bovengenoemde groepen samen een vuist gaan maken en de waardering en respect van hun bazen afdwingen. Maar al deze groepen vallen onder een andere cao met ieder hun eigen verhoudingen en grote verschillen. Voor de FNV moet het volgens ons er vooral om gaan om iedereen te organiseren in de zeer diverse sectoren/bedrijven. Of je nu lager betaald wordt, een middeninkomen hebt of hoger betaald wordt. Dat is de kracht van de FNV en die moet vanuit de sectoren worden versterkt. Om op te komen voor lager betaalden (wat natuurlijk erg nodig is) zal je in ieder geval allianties aan moeten gaan met groepen die het qua inkomen beter hebben. Het FNV geheel is meer dan de som der delen. De actie voor de onmisbaren borduurt verder op de FNV uitsluitend als campagnebond. Campagnes die tot nu toe weinig hebben opgeleverd in politieke en materiele zin. Dat kan niet anders omdat de campagnes bijna altijd op politiek Den Haag zijn gericht en daar blaast al een heel lange tijd een gure neoliberale wind. Het beste wat je daar kan realiseren is dat er een motie wordt aangenomen in de Tweede Kamer die het kabinet  vervolgens lachend naast zich neer legt.

De basis van de FNV
De kracht van de FNV moet veel meer liggen op de plekken waar onze basis ligt. In bedrijven en sectoren waar veel geschoolde vaklieden aanwezig zijn. Daar waar grote bedreigingen liggen, maar ook grote kansen. Tussen al het geweld en intriges uit Den Haag door, werd er kort geleden een enorme overwinning geboekt door de staalarbeiders bij de voormalige Hoogovens. FNV Tata Steel behaalde daar een megaoverwinning, samen met wetenschappers, oud directeuren, vakbondsbestuurders en alle landelijke milieuorganisaties. De directie van Tata Steel Nederland moest bekennen dat het FNV-plan Groen Staal de beste afslag was en koos daar definitief voor. Geen CO2-opslag op zee maar gewoon een nieuwe duurzame manier om ijzer en staal te maken. Een ongelofelijke revolutie in het proces van staal maken in het 104-jarig bestaan van de oude Hoogovens. Een historische overwinning, behaald door staalarbeiders, in een cruciale Nederlandse industrie. De FNV moet vooruit met een goed industriebeleid, wat totaal ontbreekt, en waar miljoenen werkenden afhankelijk van zijn. Zo blijft de FNV een cruciale factor! Of anders gezegd: de FNV moet een visie hebben, beleid ontwikkelen en actie voeren op terreinen die liggen in de (sociale en duurzame) toekomst van de werknemers in ons land. Tata heeft ons geleerd als je dat samen met werknemers doet en dat zij bereid zijn om daar langdurig voor te staken. En die staking – én het FNV-plan Groen Staal – heeft ook voor meerderheden in de Tweede Kamer gezorgd waar het kabinet wél naar heeft geluisterd.

De FNV moet beginnen in bedrijven en sectoren en niet op halflege pleintjes.

Jan Berghuis en Roel Berghuis zijn werknemers van het voormalige Hoogovens en hebben jarenlang voor de FNV als vakbondsbestuurders gewerkt.

Geef een reactie

Laatste reacties (23)