1.616
15

sociaal-antropoloog

Toine van Teeffelen woont sinds 1995 in Bethlehem in de bezette Palestijnse Gebieden, samen met zijn Palestijnse vrouw Mary en hun kinderen. Hij is daar werkzaam als projectontwikkelaar in het onderwijs en is momenteel (in 2011) directeur ontwikkeling van het Arab Educational Institute-Open Windows, dat gelieerd is aan Pax Christi. Hij studeerde sociologie in Rotterdam (1973) en sociale antropologie in Amsterdam (1976) en promoveerde op een onderzoek naar de portrettering van het Midden-Oosten in Engelstalige bestseller-romans. Toen hij zich in 1995 vestigde op de Westelijke Jordaanoever als gastdocent aan de Universiteit van Bir Zeit. In het door hem gepubliceerde Dagboek Betlehem 2000-2004, maakte hij op persoonlijke wijze zichtbaar wat het betekent te leven in een frontlinie. Het dagelijkse bestaan en de realiteit van de wereldpolitiek zijn in het inmiddels geïsoleerde, ommuurde Betlehem onontkoombaar verweven. Het nieuwste boek van Toine van Teeffelen verschijnt eind november bij
Narratio (Gorinchem): "Liefde, woede en waardigheid: Leven als gezin op de
bezette Westelijke Jordaanoever."
Hij is verder ook gids voor Nederlandse en Vlaamse groepen.

Verbindingen

Terwijl ik zie hoe het media-torenblok in de stad Gaza instort, herinner ik me dat de Israëlische regering 20 jaar geleden zei dat het herhaaldelijk tonen van gewelddadige scènes een vorm van Arabische propaganda was.

Mary, mijn Palestijnse echtgenote, zit als vastgelijmd aan het nieuws en wisselt berichten uit met vrienden en familieleden op sociale media. Een kind in Gaza, getroffen door een Israëlische granaat, heeft een shekel stevig vast in het dode handje. Ze heeft deze waarschijnlijk cadeau gekregen tijdens het moslimfeest na de Ramadan, de Eid al Fitr.

Een ander kind, nog in leven na een bombardement, laat trots voor de camera zien hoe hij zijn vissen heeft gered. Hij wil nu terug onder het puin van zijn huis om meer diertjes te redden.

Een jongen pleegt zelfmoord nadat hij hoort dat zijn moeder en broer zijn omgekomen bij het huidige bombardement. Andere familieleden waren omgekomen bij eerdere bombardementen in 2009 en 2014.

Er zijn veel verhalen over demonstraties in het buitenland; poëzie wordt gedeclameerd door Palestijnse voordrachtkunstenaars, en er is de muziek van Marcel Khalifeh die altijd op de radio klinkt tijdens momenten van nationaal verdriet.

Terwijl ik herhaaldelijk kijk hoe het media-torenblok in de stad Gaza instort als een kaartenhuis, herinner ik me plotseling dat tijdens de tweede Intifada, 20 jaar geleden, de Israëlische regering aangaf dat het herhaaldelijk tonen van gewelddadige scènes een vorm van Arabische propaganda was, gericht om mensen tot geweld aan te zetten.

Ik denk dat deze dagen de pijn Palestijnen hier en elders sterk verbindt. Maar er zijn meer redenen voor dit groeiende gevoel van verbinding.

Ten eerste is Jeruzalem natuurlijk een verbindend symbool. De dreigende uitzetting van tientallen gezinnen in de wijk Sheikh Jarrah herinnert aan de Nakbeh die juist tijdens deze dagen wordt herdacht. (‘Nakbeh’ betekent ‘ramp’ en verwijst naar de verdrijving en vlucht van meer dan 700.000 Palestijnen tijdens de oorlog van 1948. Tegenwoordig spreken veel Palestijnen over de ‘voortgaande Nakbeh’ of ‘stille etnische zuivering’ als men verwijst naar uitzettingsprocessen in bijvoorbeeld Jeruzalem).

De Al-Aqsa-moskee is eveneens een belangrijk verenigend symbool voor Palestijnen en moslims. Het binnenvallen van de moskee door de Israëlische politie, of het ontoegankelijk maken van het moskeegebied tijdens de Ramadan zijn voor Palestijnen symbolische en verbindende kwesties – zelfs voor de Palestijnse christenen die zich herinneren dat de Israëlische politie tijdens Pasen problemen veroorzaakte in de Heilig Grafkerk en de toegang van christenen belemmerde.

Ten tweede is het tegenwoordig heel voor de hand liggend om verbindingen en vergelijkingen te maken tussen de bezette Westelijke Jordaanoever en de zogenaamde ‘gemengde’ steden in Israël waar op het moment grote onrust is. Settler-jongeren vernielen auto’s hier boven op de heuvelrand van Beit Jala waar we wonen, maar plegen eveneens vernielingen in een stad als Lod/Lydda. In beide gevallen propageert men een supremacistische ideologie en in beide gevallen wordt men vaak in stilte gesteund of zelfs toegejuicht door het leger of de politie.

Omdat de zogenaamde tweestatenoplossing zo theoretisch en ver weg is, hebben mensen de neiging om meer te kijken naar de onaangename maar op de werkelijkheid gebaseerde ‘een-staat-oplossing’ die momenteel Palestijnen wordt opgelegd of je nu in Bethlehem of in Lydda of Jaffa woont. Mary deelde zojuist een video van Gideon Levy, journalist van het Israëlische dagblad Haaretz, die vertelt hoezeer hij voorheen de tweestatenoplossing als de meest rechtvaardige oplossing steunde totdat hij ontdekte dat geen enkele Israëli deze echt steunde.

Ten derde voelen Palestijnen de verbindende invloed van de Black Lives Matter-beweging die protesteert tegen structurele ongelijkheid en racisme. Jarenlang onderhielden Palestijnse bewegingen al sterke relaties met Black Lives Matter vanaf het moment dat deze beweging werd geboren. Vorig jaar werd de vergelijking al prominenter en urgenter, bijvoorbeeld in de vergelijking tussen George Floyd en een autistische Palestijn, Iyad Hallaq, gedood door politie in Jeruzalem in de zomer. Deze dagen gebruiken solidariteitsdemonstraties in het buitenland de slogan “We kunnen sinds 1948 niet meer ademen.”

Jarenlang, en vooral sinds het Oslo-vredesproces in de jaren negentig, heeft de opgelegde fragmentatie van Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever, in Gaza, in Israël en in de Arabische wereld en elders de Israëlische overheersing vergroot en de Palestijnse beweging verzwakt. Ik ben er nu niet meer zo zeker van of deze overheersing en fragmentatie zal standhouden, en voor hoelang.

Bethlehem

Geef een reactie

Laatste reacties (15)