3.364
44

Hans Groen [1963] is zelfstandig ondernemer en bestuurslid van
GroenLinks Midden-Drenthe. Geboren in Noord-Brabant en sinds 2002 woont
Hans Groen in Mantinge, Drenthe. Hans Groen is adviseur op het gebied
van organisatie effectiviteit en Supply Chain Management. en heeft
opleiding in bedrijfseconomie en logistieke bedrijfskunde. Als
fractielid neemt hij de verantwoording voor het webbeheer en is
recentelijk toegetreden tot het bestuur voor het financiele beheer. Hij
heeft een eigen weblog op http://hgroen.wordpress.com/

Wat Maurice de Hond niet vertelt

Door voor de persoonlijke aanval te kiezen is Maurice' betrouwbaarheid nog verder gezakt

Er is een kleine hetze uitgebroken tussen NRC en Maurice de Hond. NRC heeft een tamelijk kritisch artikel geschreven over de methodes van Maurice de Hond. In verweer wordt de krant van vuilspuiterij beticht. Ondanks een heel betoog gaat Maurice de Hond niet in op de kern van het verhaal.


Maurice de Hond heeft een puntsgewijs verweer opgesteld welke ik zal volgen.


1) Maurice beklaagt zich over het feit dat zijn werk langs de wetenschappelijke meetlat gaat. Daarmee diskwalificeert hij de betrouwbaarheid van zijn eigen peilingen. Toch is het terecht dat hij langs de wetenschappelijke lat gaat, omdat hij zich regelmatig op daar laat voorstaan. “Uit statistisch onderzoek is gebleken dat…”. Maurice beroept zich dus op; “Statistiek is de wetenschap, de methodiek en de techniek van het verzamelen, bewerken, interpreteren en presenteren van gegevens. Het is een onderdeel van de wiskunde.” De kritiek in deze is dan ook terecht.

2) In dit deel onderstreept Maurice dat hij als eerste de trends onder de bevolking waarnam die door andere peilers werd genegeerd. [Fortuyn, Plus, PVV, Verdonk etc] Hier zijn een aantal opmerkingen bij te maken;
a) Moment van peilen en ontstaan van ‘populistische’ bewegingen is een heikel punt. De lijst Fortuyn heeft geen plotse ontstaan geschiedenis. Daaraan ging de opkomst van de Leefbaren vooraf. Een trend die in de gemeentelijke politiek al langer bestond, maar in Utrecht ineens een versnelling kreeg. Deze ontwikkelingen werden door niemand goed geschat.
b) De onvrede onder een zekere groep kiezers is van alle tijden. Niet zoals Maurice wilt doen voorkomen alsof dat nieuw is. De Boerenpartij, CentrumDemocraten waren voorgangers hiervan.  Wat wel nieuw is, is de ontzuiling en toename van het aantal zwevende kiezers. De periodiek waarin de kiezers meer begon te zweven en peilers in opkomst waren, vallen nagenoeg samen. Namelijk medio jaren tachtig. [Ook al is peilen, straw polling, veel ouder- 1824] In de loop der tijd is de peiling en stemgedrag steeds meer vervlochten geraakt. het is de periode waarop campagneleiders, peilingen gingen gebruiken om hun campagne te sturen.
c) Het moment en de vraagstelling van Maurice is van een andere aard dan van de andere bureaus.  Nog voordat Verdonk haar partij had opgericht, had De Hond de ‘partij’ al opgenomen in zijn peilingen en voorgelegd aan zijn panel. En waar nodig werd toelichting gegeven. Zodoende werd zijn panel pro actief geïnformeerd over het komende bestaan van de partij Verdonk. Dit was zonder meer een leidende manier van peilen die terecht ter discussie staat en is een van de punten waarop De Hond kritiek krijgt.
d) Wat geschiedenis. In 1986 gaan de verkiezingen tussen de zittende partijen VVD, CDA en PVDA.

Lubbers gaat de campagne in met de kreet: “Laat Lubbers zijn karwei afmaken”. Volgens de peilers, incluis De Hond, stond de PVDA continue op voorsprong met 4 tot 6 zetels zoals De Hond zelf bekend maakte. Uiteindelijk wint het CDA met overweldigende cijfers en behaalt 54 zetels.  Zo accuraat in het voorspellen van trends onder de bevolking is De Hond ook niet weer niet. En over de jaren zijn er genoeg voorbeelden hiervan te vinden. Zie bijvoorbeeld de laatste tweede kamer verkiezing, waarbij ook de Hond finaal door de mand ging. Zijn excuus was de onvoorspelbaarheid van de kiezer. Maar is dat is toch het metier van De Hond cs, om daar een vinger achter te krijgen?
3) Wat dit toevoegt of op welke wijze dit ingaat op de kritiek in het NRC stuk is volkomen onduidelijk. Het NRC belicht deze relatie, waar niets op aan te merken valt. En er is ook geen verder verweer in te bekennen. Bladvulling in mijn optiek.
4)  en 5) Ook dit deel is niet terzake. De kritiek in de NRC richt zich op de methodologie van de Hond:
    •    De kritiek richt zich op het ontbreken van een werkelijk aselecte wijze van meten, waarbij kiezers zich zelf moeten aanmelden. Van willekeurigheid is dan geen sprake.
    •    De vaak leidende vraagstelling.  Daarbij wordt het antwoord nagenoeg in de mond van de kiezer gelegd. Als je bedenkt dat een kiezer vervolgens reageert op de peiluitslag, kan een selffulling prophecy ontstaan.
    •    De correctiemethode, waarbij de kiezer zijn voorgaande voorkeur moet aangeven qua politiek partij. Op deze manier tracht De Hond oververtegenwoordiging van een partij te compenseren.  Hier wordt wederom de aselectie en betrouwbaarheid van de peiling geweld aangedaan.
6) Het gelinkte artikel naar een van zijn onderzoeken laat juist zien dat de kritiek gefundeerd is. Bedenk hierbij dat een mens bij voorkeur meegaat in een stelling, in plaats hier zich van af te keren. [Nee is het moeilijkste woord] Elke peiler kent dit soort basale uitgangspunten. Zeker ook Maurice de Hond.
– Rekening van de crisis wordt vooral bij de ouderen gelegd
– Ik maak me zorgen over mijn financiële toekomst
– Ik denk dat we het dieptepunt van de crisis nog niet hebben gehad
– De komende 10 jaar zal op veel pensioenen worden gekort
– De pensioenleeftijd zou binnen 5 jaar naar 67 jaar opgetrokken moeten worden
– Ook de ouderen zullen in de toekomst een groter deel van hun inkomen aan zorg dienen te besteden
– De huidige partijen doen veel te weinig voor ouderen
– De vakbeweging doet veel te weinig voor ouderen
– Als ik zie wat ze in Den Haag aan het doen zijn, voel ik me machteloos

Geen van deze vragen heeft een neutrale stelling. Veel van de voorgeschotelde informatie is al eerder in de media geuit, zoals de korting op pensioenen, optrekken van de pensioengerechtigde leeftijd. Sommige vragen zijn voorspelbaar en kennen een lage waarde: dat jongeren minder vinden dat de rekening bij ouderen wordt gelegd dan ouderen, is een open deur intrappen.  Bij vragen die de groepen in gelijke mate treffen, zie je de verschillen snel kleiner worden.

De onvrede en onzekerheid is niet specifiek bij de ouderen, maar in de gehele samenleving waar te nemen. Het is tenslotte crisis. Dat afhankelijk van de vraag categorie, de ene groep sterker reageert dan de andere, mag geen verbazing wekken. Wat dichtbij komt, leidt tot uitgesproken reacties. Maar is er dan ook sprake van een nieuwe trend? Nee, het ligt in het verlengde van de huidige maatschappelijke situatie. Maurice maakt ook een interessant voorbehoud onder aan zijn onderzoek:

In welke mate dat zich zal richten op een nieuwe partij hangt sterk af van lijsttrekker van die partij, de voornemens en de media-aandacht.”

Kortom. Het kan vriezen of dooien.
7) Hier hanteert De Hond een drogredenering. Enkele losse peilresultaten dienen ineens te bewijzen dat hij goed onderzoek doet. De Hond had al zijn peilresultaten, voorspellingen, afwijkingen dienen op te voeren en te vergelijken met resultaten van andere bureau’s, alvorens hij deze stelling kan waarmaken.
8) Hier wil ik een kern statement van De Hond naar voren halen; “Vrijwel alle tabellen van dit onderzoek laten zien dat er sprake is van een grote vertrouwensbreuk bij Nederlanders boven de 50 jaar.” Deze bewering komt elke keer weer terug. Nu alleen met de toevoeging 50 jaar.  Bij de opkomst van de Leefbaren, Fortuyn, Wilders, Verdonk en nu Vijftig Plus. Elke keer ‘voorspeld’ De Hond zowat de ondergang van de politiek, maar tot op heden draait het circus als altijd.

Dit heeft alles te maken met de interpretatie van de peilresultaten. De Hond beweert nog al wat. “En voelen de meesten zich misleid, en voor een deel zelfs verraden, door de politiek.” Nergens in de vraagstelling komt het woord ‘verraad’ naar voren. Is ‘te weinig doen’ ineens gelijk aan verraad? Waar baseert De Hond zijn conclusie op?

Rond de helft van de kiezers boven de 50 jaar kan zich voorstellen die partij te kiezen, wat betekent dat scores in peilingen tussen de 20 en 30 zetels in de toekomst niet onmogelijk zal zijn.”

Kan zich voorstellen dat…. Maar wat is nu de kans hierop? Dit is een intentie geen stemgedrag. Dat wordt dan ook niet vermeld en ook niet hoe dit bij andere partijen ligt. De PVV en deels de SP vissen in dezelfde vijver. Voor die partijen zal dan het zelfde gelden, wat de electorale kans van Vijftig Plus, aanzienlijk vermindert. De Hond doet hier dus aan waarzeggerij en gezien de marge die hij hanteert, is er sprake van een slag in de lucht.

Dat het electoraat in de verschillende leeftijdscategorien niet gelukkig is, ontevreden en zelfs mort, wordt door alle onderzoekers vastgesteld.

[Daarbij is er wel een segmentatie naar direct persoonlijk geluk en de wijze waarop men naar meer afstandelijke zaken kijkt. Maar ook dat is niet nieuw onder kiezers.]

De Hond is daarin niet uniek, ook al tracht hij dat frame te plaatsen. Maar dat is niet waar de wetenschappers op doelen. Zijn verwijt in dit punt schiet dan ook naast het doel.  Te meer hij ineens erg op de man en het geld speelt qua bekostiging van de onderzoeken.

Het probleem met peilen is, zoals door Maurice de Hond en de andere bureaus wordt gedaan, dat er geen voorspellende waarde van uitgaat. Men meet op enig gekozen moment bepaalde voorkeuren of intenties. Die voorkeuren of intenties zijn net zo houdbaar als de vis van gisteren. Beter was geweest als Maurice de Hond daadwerkelijk was ingegaan op de kritiek in plaats van zelf op de man te spelen. Nu is zijn betrouwbaarheid, met enige marge, nog verder gezakt.
Dit artikel verscheen eerder op de weblog van Hans Groen

Geef een reactie

Laatste reacties (44)