788
49

Adviseur over duurzaamheid

Jan-Paul van Soest is in Nederland een bekende adviseur op het gebied van duurzaamheid. Zijn bureau Advies voor Duurzaamheid geeft bedrijven, overheden en maatschappelijke organisaties strategisch advies. Van Soest is lid van talrijke raden en denktanks.

We moeten praten over kernenergie, zeker na Japan

Heroverweging kernenergie in energiemix gewenst. De opstelling van de overheid is echter paradoxaal

De problemen met de kerncentrales in Japan laten zien dat gebeurtenissen met een zeer kleine kans toch kunnen plaatsvinden. Hoewel dat rationeel al duidelijk was, is het emotioneel toch confronterend als dat daadwerkelijk gebeurt. In verschillende landen om ons heen, Duitsland voorop, klinkt de roep om herbezinning op de bijdrage van kernenergie in de toekomst.

De EU wil een ‘stresstest’ voor alle reactoren in Europa. Ook al zijn er in Nederland geen aardbevingen en tsunami’s, een kans betekent dat iets kan, en er zijn verschillende andere redenen ook in Nederland de toekomstige rol van kernenergie in de brandstofmix kritisch te bekijken. Het goede nieuws: er is alle tijd voor een heroverweging. In Nederland wordt zoveel nieuw elektrisch vermogen gebouwd, dat er voor stroom uit nieuwe kerncentrales voorlopig toch amper ruimte is op de markt.

De vraag of er nieuwe kerncentrales in Nederland zullen komen hangt sterk af van de keuzes die de overheid maakt.

De opstelling van de overheid is echter paradoxaal. Aan de ene kant is er in de energiesector marktwerking ingevoerd, stelt de overheid slechts de randvoorwaarden vast en bepalen marktpartijen welke technologieën daaraan voldoen en in hun strategie passen. Aan de andere kant kiest het kabinet uitdrukkelijk voor kernenergie, en rolt het de loper voor investeerders uit.
Die dubbele pet is niet bevorderlijk voor het vertrouwen in een neutrale rol van de overheid: de voorvechter van kernenergie, de minister van EL&I, is tevens degene die de vergunningen verleent en de randvoorwaarden stelt.

Scheiding van verantwoordelijkheden is nodig, juist omdat de randvoorwaarden sterk bepalend zijn voor de kosten van stroom uit kernenergie. Wie kernenergie als goedkope energiebron propageert, kan in de verleiding komen met lichtere randvoorwaarden genoegen te nemen dan wat technisch haalbaar is. En omgekeerd: wie om redenen van maatschappelijke veiligheid strenge randvoorwaarden voorstaat, drijft de kostprijs  van atoomstroom omhoog. En dat terwijl toch al dubieus is of kernenergie zo goedkoop is als wordt beweerd. In de VS wordt bijna 2 dollarcent per kilowattuur subsidie gegeven om een door de Republikeinen gewenste ‘nucleaire renaissance’ uit te lokken. Desondanks zijn de meeste plannen inmiddels afgeblazen. De ellende in Japan zal het animo om in kernenergie te investeren bepaald niet groter maken.

De overheid stuurt bedoeld of onbedoeld de energievoorziening in de ene of de andere richting, niet door zelf een optie uit te kiezen, maar via de randvoorwaarden voor duurzame energie, fossiele energiebronnen en kernenergie. Bij de huidige condities koersen we in ons land nu af op een elektriciteitsvoorziening met veel grote centrales die continu moeten produceren, kolencentrales en wellicht in de toekomst ook kerncentrales. Dat maakt het lastiger het de omslag naar hernieuwbare bronnen als zon en wind te maken, waarvan het aanbod wisselt. Duurzaam verdraagt zich beter met snel regelbare gascentrales dan met kolen- en kernenergie. Bovendien is de laatste jaren duidelijk geworden dat er gas in overvloed is, en we zijn als Nederland sterk in gastechnologie.

De vraag is niet zozeer ‘welke techniek willen we wel, en welke niet’, maar meer: in welke richting willen we de energievoorziening als geheel sturen. Bij die vraag hoort ook de confronterende kwestie die ‘Japan’ oproept: accepteren we in ons energiesysteem technieken die maatschappelijk ontwrichtende gevolgen kunnen hebben, ook al is de kans klein? Welke randvoorwaarden leggen we dan op? Die bepalen of het überhaupt aantrekkelijk is in Nederland een kerncentrale neer te zetten en van welk type dan. Het is mogelijk alleen centrales toe te laten die ‘passief veilig’ zijn: zodanig ontworpen dat per definitie geen kernsmelting kan plaatsvinden. Dergelijke centrales zijn nu nog niet commercieel, maar zo’n ‘technologieforcerende’ eis is toch vast op te leggen. De randvoorwaarden bepalen verder in welke mate de kerncentralebouwer aansprakelijk is bij ongevallen, en welk geldbedrag de exploitant van een kerncentrale opzij moet zetten om de ontmanteling van de centrale te kunnen bekostigen. Dit moet de volgorde zijn: eerst maatschappelijk vaststellen waar we heen willen met onze energievoorziening en die wensen in randvoorwaarden vastleggen. Nu gebeurt het omgekeerde: een wens meer kernenergie in Nederland te krijgen leidt tot de vraag hoe dat mogelijk kan worden gemaakt. De gebeurtenissen in Japan zijn een directe aanleiding de plaats van kernenergie in de energievoorziening én de rol van de overheid nog eens grondig te bespreken.

Dit artikel verscheen donderdag 17 maart eerder in Trouw.

Lees ook op Joop:

Brechtje Paardekooper: Taboe op praten over kernenergie na Japan onzinnig

Pieter Kos: Van Tongeren ‘misbruikt’ situatie in Japan

Maurice de Hond: Geen risico’s met kernenergie

Corine de Ruiter: Een zelfmoordterrorist, Borssele en een vliegtuig

Geef een reactie

Laatste reacties (49)