3.870
7

Projectleider Participatie

Hanneke Felten (1982) is onderzoeker, trainer en interventie-ontwikkelaar op het terrein van emancipatie en inclusie bij Movisie: het landelijke kennisinstituut voor sociale vraagstukken. Ze deed onder andere onderzoek naar de acceptatie van homo- en biseksualiteit onder jonge-ren, geweld tegen lesbische vrouwen en 'seksualisering' en seksueel grensoverschrijdend ge-drag onder jongeren. Interventies ontwikkelde zij onder andere op het terrein van diversiteits-beleid, aanpak eergerelateerd en huiselijk geweld en suïcidepreventie onder meisjes van mi-grantenachtergrond en onder lesbische, homo, bi en transgender jongeren. Hanneke is tevens vaste columnist voor socialevraagstukken.nl

Zelfmoord: een doodeng onderwerp voor hulpverleners

Hulpverleners durven vaak niet over zelfmoord te beginnen... Ze moeten leren hoe je taboes doorbreekt

Van alle cliënten die ik als maatschappelijk werker heb begeleid, zag het overgrote deel geen lichtpuntjes meer. Maar praten over de dood heb ik nooit gedaan. Ik dacht er weinig over na. Totdat een cliënt van een collega zelfmoord pleegde. Ons team werd keihard met de neus op de feiten gedrukt: van zelfmoordpreventie hadden we geen enkel benul. De uitzending van Zembla op 16 oktober liet zien dat hulpverleners het nog altijd een doodeng onderwerp vinden.

Als je vraagt aan hulpverleners waarom ze zelfmoord niet bespreekbaar maken, hoor je: “Ik stel gewoon open vragen”. Vragen zoals “hoe voel je je?” bieden volgens hen genoeg ruimte aan de cliënt om er over te beginnen. Maar we gaan er als hulpverleners aan voorbij dat de cliënt het hoogstwaarschijnlijk niet zelf durft aan te kaarten. Zelfmoord is taboe. Achteraf roepen we allemaal ‘wat erg!’. Maar op het moment dat het nodig is, praat niemand er over.

Het probleem met ‘open-vragen’ speelt ook bij andere taboe-thema’s. De vrouw die thuis wordt geslagen brengt dit alleen ter sprake als de hulpverlener doorvraagt op wat er precies gebeurt als haar man boos is. En de puberjongen die in de put zit vanwege zijn homoseksuele gevoelens deelt deze worsteling niet bij de vraag ‘Heb je al een vriendinnetje?’ Maar als je hem vraagt: “Denk je wel eens dat je op jongens valt?”, zal hij zijn schouders waarschijnlijk niet ophalen.

Angst om te vragen

Maar wat als ik het verkeerd heb? Als maatschappelijk werker was dat mijn grootste angst. Dat ik een cliënt naar zelfmoord zou vragen terwijl diegene daar zelf helemaal niet mee bezig was. Breng ik mijn cliënt dan niet op een idee? Het spookte door mijn hoofd: ‘Straks gaat hij aan zelfmoord denken omdat ik het onderwerp heb aangesneden!’

Door onderzoek te doen vanuit mijn huidige baan en door samen te werken met het online zelfmoordpreventie – platform 113online.nl weet ik dat dit onzin is. Het is juist goed om aan iemand die slecht in zijn vel zit te vragen of hij wel eens denkt aan de dood. Als je cliënt dat nog nooit heeft gedaan, antwoordt hij bijvoorbeeld iets als “nee, zo slecht gaat het niet” en kan je door naar een volgend onderwerp. Maar als hij wel denkt aan zelfmoord, is de vraag vaak een enorme opluchting. Eindelijk mag hij praten over wat de hele dag al door zijn hoofd spookt!

Betere opleiding en nascholing
Taboes bespreken is een vak apart. Je krijgt met de paplepel ingegoten om er niet over te praten. Maar als hulpverlener moet je dit zwijgen doorbreken. Dat kun je niet alleen. Ik zou willen dat ik als maatschappelijk werker de kans had gekregen om het te leren: in mijn opleiding of anders door nascholing. Want stel dat ik wél vragen had gesteld over zelfmoord aan cliënten die weinig lichtpuntjes meer zagen. Stel dat ik dat had gedaan. Hoeveel levens zou ik hebben gered?

Hanneke Felten schreef o.a. “Ik wou dat ik dood was: 10 vragen van professionals over suïcidepreventie onder lesbische, homo-, bi- en transgenderjongeren”.

Bekijk de aflevering van Zembla ‘Jeroen wilde niet dood’

Vragen over zelfmoord n.a.v. dit artikel? Neem contact op met 113online.nl.

Geef een reactie

Laatste reacties (7)