Laatste update 14:42
3.289
26

Socioloog, publicist, programmamaker

Shervin Nekuee(Teheran, 1968) is socioloog, publicist en programmamaker. Hij studeerde aan de Universiteit van Utrecht en woont in Den Haag. Hij publiceert met regelmaat in dag- en weekbladen. Hij schreef De Perzische paradox: verhalen uit de islamitische republiek Iran (2006), uitgegeven door De Arbeiderspers. Op negentienjarige leeftijd vluchtte hij uit Iran, omdat hij weigerde deel te nemen aan de oorlog tegen Irak. Als socioloog, publicist en programmamaker is hij in het bijzonder geïnteresseerd in de culturele en sociale aspecten van de multiculturele samenleving en de politieke ontwikkelingen in het Midden-Oosten. 
Shervin Nekuee, die zijn sporen verdiende zowel in activistische als academische kringen, is curator en programmamaker van het Winternachten internationaal literatuur festival den Haag. Daarnaast is hij artistiek leider van het Mystic Festival Rotterdam, een festival met poëzie, muziek, storytelling en dansrituelen uit de mystieke islam en verwante mystieke tradities uit de hele wereld. Nekuee is verbonden aan het Grote Midden Oosten Platform dat de kennis en ervaring van in Nederland wonende Midden-Oosten deskundigen bij elkaar brengt voor trainingen, analyses en publicaties.

Mijn ongevraagde diversiteitsadvies aan wethouder Meliani

Niet een excuus-officier diversiteit maar grootschalige wisseling van de macht aan de top van culturele instellingen moet diversiteit eindelijk uit de grond stampen

De Amsterdamse Kunstraad heeft deze week bij monde van haar boegbeeld Felix Rottenberg gesproken. Om diversiteit die maar niet van de grond komt in de culturele sector een radicaal duwtje te geven, zijn drastische maatregelen nodig: er moeten diversiteitsofficiers komen; diversiteit-nulmetingen om de goede voornemers van de instellingen tegen het licht van behaalde resultaten te houden en nog veel meer, aldus Rottenberg.

Diversiteit
cc-foto: Henk Monster

De Amsterdamse Raad heeft een nobel streven. Men heeft goed in de spiegel gekeken en gezien dat hun stad, ondanks zijn gekoesterde kosmopolitische zelfbeeld, ruim de helft van zijn bewoners in zijn culturele paleizen stelselmatig vergeet. In de stad waar minderheden de meerderheid zijn is het culturele aanbod ouderwets westers georiënteerd. Daar wil de Raad iets aan doen. Alleen, de drang tot maatregelen willen bedenken (welgeteld 21 maatregelen!) heeft een diepere analyse in de weg gezeten. En, ik heb het vermoeden dat men het niet aandurfde om echt met de vuist op tafel te slaan.

Al in 1998 zette de toenmalige staatssecretaris Van Der Ploeg culturele diversiteit op de agenda. Zowel als medeschrijver van verscheidene essays als maker van verschillende publieke verkenningen, lezingen en debatten en als publicist heb ik in de afgelopen twee decennia actief meegedaan aan dit debat. Het gesprek heeft verschillende wendingen gekregen en ook het beleid is door de tijd in verschillende richtingen gegaan. Veel tijd, geld en moeite om de culturele sector in haar aard en aanbod diverser te maken heeft de afgelopen twintig jaar onvoldoende opgeleverd, constateer ik samen met de Amsterdamse Raad. Als in het kosmopolitische Amsterdam drastische maatregelen nodig zijn om interculturele openheid in de cultuursector te forceren dan zou dat in de rest van de randstad niet minder ernst zijn.

Maar ik ben gaandeweg in de afgelopen twee decennia sceptisch geworden over al te ingenieus en ingewikkelde formules om culturele diversiteit te bewerkstelligen. In 2003 heb ik samen met de journalist Bart Top een lang essay gewijd aan de differentiatie van het begrip “kwaliteit” binnen de culturele sector. Wij dachten dat we met het opbouwen van een logisch en ingenieus alternatief denkschema de bazen van de fondsen en directeuren van culturele instellingen van hun koudwatervrees voor niet-westerse kunstuitingen konden afhelpen. Met Chris Keulemans, voormalig directeur van de Balie en Tolhuistuin, heb ik rond dezelfde tijd een jaar lang in Rotterdam lezingen en publieke verkenningen georganiseerd met internationale sprekers die de bobo’s uit de culturele sector moed moesten spreken en moesten helpen hen te verleiden om de niet-westerse canon op zijn waarde te schatten. Vijf jaar terug vanaf dit podium (Joop.nl) heb ik polemisch geroepen dat er sprake is van culturele apartheid in grootstedelijk Nederland mede door het huidige aanbod en de ordening van de culturele sector.

Noch alternatieve denkmodellen, noch inspirerende sprekers of het aanzwengelen van polemiek kunnen iets aan het lange grijze seizoen van monoculturele hegemonie in grootstedelijk Nederland veranderen, is helaas mijn conclusie na twee decennia intensief met deze kwestie bezig te zijn geweest. Ook een “chief executive diversiteitsofficier” die “als gesprekspartner” de culturele instellingen in Amsterdam in de komende vier jaren een bezoek gaat brengen zet geen zoden aan de dijk.

Wethouder Touria Meliani doet er goed aan om de ingewikkelde voorstellen van de Kunstraad van Amsterdam even te laten staan. Eens heel aards en praktisch bij zich te rade te gaan wat ze nu echt veranderd wil zien aan het einde van haar ambtsrit over drie jaar? Wil ze zien dat de nu al door bureaucratie en controle-fetisjisme van de overheid geteisterde sector nog een corps tandeloze diversiteits-controleurs-officieren rijker is? Of, dat haar sector waarlijk verandert in een superdiverse Amsterdam-waardige sector?

Ik ken Touria Meliani van haar vorig leven als cultuurmaker en directeur van Tolhuistuin enigszins. Volgens mij is zij een oprecht mens met hart voor kunst en cultuur en met een op eigen ervaring binnen de sector gevormde scherpe intuïtie. Ik denk dat ze echt iets wil zien veranderen na twintig jaar moeizame worsteling van deze sector met diversiteit.

Hier is dan ook mijn (ongevraagde) advies: De meest werkbare en doorslaggevende oplossing voor het veranderen van het huidige mono-culturele aanbod van Amsterdamse kunstinstellingen is een hele praktische en toch met grote inhoudelijke consequenties. Er moet een grootschalige wisseling van de macht komen aan de top van de sector. Aan de top is een nieuwe balans nodig en meer representatie van een waar kosmopolitisme. Naast degene die met Joyce, Beckett en Reve als hun jeugdhelden zijn opgegroeid zou je directeuren en bestuurders moeten hebben met Yasar Kamal, Fatima Mernnissi of Ahmad Shamlu als hun jeugdhelden. Naast de bewonderaars van Mary Shelly en Shakespeare is het ook nodig dat kenners van Hafiz, Ibn-Arabi en Yunus Emre bepalende figuren worden aan de top van culturele instellingen.

Je zult zien, die tweede groep – de Amsterdammers met een immigratie-achtergrond en uitstekende kwalificatie, die het al lang verdienen om directeuren en bestuurders binnen de culturele sector te worden maar telkens worden uitgesloten – die kennen de westerse canon vele malen beter dan de doorsnee bobo binnen onze culturele sector de culturen kent van de niet-westerse minderheden die de meerderheid van de bewoners van Amsterdam anno 2019 vormen.

Ja, Amsterdam is superdivers en kosmopolitisch maar dat kosmopolitisme zit nog niet aan de top. Wethouder Meliani zou en moet daar wat aan doen.


Laatste publicatie van Shervin Nekuee

  • De Perzische Paradox

    Verhalen uit de Islamitische Republiek Iran

    2006


Geef een reactie

Laatste reacties (26)