5.191
103

Filosoof

Filosoof en docent. Zijn interessegebieden binnen de filosofie zijn onder andere het gedachtegoed van de Frankfurter Schule en van de hedendaagse filosofen Byung-Chul Han en Slavoj Žižek.

Trots op de Gouden Eeuw?

Kritische geschiedschrijving en nationale trots kunnen goed naast elkaar bestaan. Wij zijn immers sinds de zestiende eeuw al het land waar kritisch gedacht mag worden!

De discussie over het gebruik van de naam Gouden Eeuw bij De Wereld Draait Door toont ons hoe het maatschappelijk debat kan worden beheerst door de negatieve aspecten van politieke correctheid. DWDD organiseerde de discussie naar aanleiding van het besluit van het Amsterdams Museum om de term Gouden Eeuw niet meer te gebruiken en het gepolariseerde maatschappelijk debat dat over dat besluit ontstond op sociale media. De gepolariseerde kampen voor en tegen het gebruik van de term Gouden Eeuw werden in de uitzending van De Wereld Draait Door op typische wijze vertegenwoordigd door Zihni Özdil (tegen) en Thierry Baudet (voor).

Politiek-correcte posities
Özdil is tegenstander van de term Gouden Eeuw omdat het een tijdperk met negatieve kanten verheerlijkt. Zo stelt hij, terecht, vast dat de overgrote meerderheid van de Nederlandse bevolking gedurende de zeventiende eeuw onderdrukt werd. Het vereren van de onderdrukkende elite uit die periode verdoezelt volgens hem deze negatieve kant. Wat Özdils bijdrage ontsiert is dat hij zich stukbijt in zijn eigen gelijk en daardoor niet openstaat voor andere visies. Gert-Jan Geling en Gerben Bakker noemen een dergelijke houding in hun onlangs verschenen boek Over Politieke Correctheid dogmatische politieke correctheid.

Dit wordt duidelijk als we zien dat Özdil geen oor heeft voor Baudets evengoed terechte tegenwerping dat Nederlanders het nodig hebben om trots te kunnen zijn op hun geschiedenis. Het vieren van positieve kanten van de geschiedenis zorgt volgens hem voor broederschap en geeft ook nog eens een ideaal voor nieuwkomers in onze cultuur. Hierin moeten we Baudet gelijk geven: de bloeiende wetenschappen en kunsten in Nederland uit die periode zijn bewonderenswaardig. Spinoza en Rembrandt kunnen nog altijd als voorbeelden voor ons dienen.

Toch maakt Baudet zich ook schuldig aan politieke correctheid. In de woorden van Geling en Bakker heet zijn positie conformistische of populistische politieke correctheid. Baudets visie is ‘correct’ omdat het is wat ‘het volk’ vindt. Andere visies kunnen daarnaast bestaan, maar missen de legitimiteit van de populist. Probleem met deze opstelling is dat het volk niet altijd in alles gelijk heeft. Baudet sluit hierdoor te snel de waarheid die in andere visies zitten uit. Het risico als we hem volgen is dan ook dat we wel trots op, maar niet eerlijk zijn over onze geschiedenis. Juist die eerlijkheid is ook belangrijk.

Özdil wees Baudet erop dat hij een politiek correct standpunt innam. Baudet zou namelijk de witte elite, die Özdil vergelijkt met het partijkartel, verdedigen. Ondanks dat Baudet zich hierbij beroept op de wil van het volk, is het betwijfelbaar dat hij hierbij daadwerkelijk verdedigt wat het gehele volk wil. Dat neemt echter niet weg dat het belangrijk is om rekening te houden met de behoefte aan een positief beeld van Nederland bij een deel van de Nederlandse bevolking.

Kritische geschiedschrijving én nationale trots
Waar het dan ook omgaat bij de discussie over het gebruik van de term Gouden Eeuw is de waarheid te achterhalen die in beide posities verscholen zit. Kritische geschiedschrijving (Özdil) en nationale trots (Baudet) kunnen goed naast elkaar bestaan. Wij zijn immers sinds de zestiende eeuw al het land waar kritisch gedacht mag worden! Zo kunnen zowel de aanhangers van Özdils als Baudet tevreden gesteld worden.

We zullen ons dan wel moeten realiseren dat een vorm van nationale trots nodig is én dat we ons anders moeten oriënteren op de fundamentele vraag waar we die nationale trots aan ontlenen. Waarderen we de Gouden Eeuw om haar welvaart, zoals de naam suggereert? Of kijken we naar de maatschappelijke, wetenschappelijke en culturele bloei die gepaard gingen met de groei in welvaart?

Dit laatste verdient wat mij betreft de voorkeur. Welvaart is immers alleen waardevol als het mooie dingen teweegbrengt, zoals de relatieve tolerantie, wetenschappelijke inzichten en prachtige kunst van de zeventiende eeuw. Als we die dingen waarderen en tegelijkertijd onze ogen niet sluiten voor de onderdrukking van de zeventiende eeuw, doen we het belangrijkste wat grootheden als Spinoza in onze bloeiperiode ook deden: kritisch denken.


Laatste publicatie van Floris Schleicher

  • Filosoferen over God


Geef een reactie

Laatste reacties (103)